zaterdag 19 november 2011

Ook rechterlijke macht nu onder Fidesz controle



Er is lang gespeculeerd over de vraag hoe de regering Orbán om zou gaan met de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht. De nieuwste wetsvoorstellen, waarover komende week in het Parlement wordt gestemd, laten weinig ruimte voor twijfel. Ook de rechters in het land krijgen vanaf 1 januari 2012 een vrijwel almachtige door Fidesz benoemde functionaris boven zich. “De President van het Hooggerechtshof András Baka heeft het een regelrecht schandaal genoemd, maar het gebeurt vrijwel zonder dat er een haan naar kraait,” aldus Peter Hack, rechtskundige van de ELTE universiteit in Boedapest.

De nieuwe President van de te vormen Nationale Gerechtelijke Raad krijgt vrijwel onbeperkte bevoegdheden in personele en financiële beslissingen met betrekking tot de 3000 rechters die het land telt. De president beslist over promoties, over salarissen en kan ingrijpen in het toedelen van strafzaken (wie doet wat). De rest van de Raad, deels benoemd door de rechters, heeft slechts adviserende bevoegdheden.

De nieuwe president wordt gekozen door een 2/3 meerderheid in het parlement en voor een periode van negen jaar, maar blijft langer aan zolang er daarna geen 2/3 meerderheid is voor een vervanger. Zolang Fidesz dus minstens 1/3 plus 1 van de zetels heeft, heeft de partij controle over deze belangrijke functie, wie weet voor 20 jaar. De topkandidaat voor de post is Tünde Handó, voorzitter van de Arbeidsrechtbank van Boedapest en de vrouw van de voornaamste Fidesz man in het Europees Parlement Jozsef Szajer

De nieuwe functionaris kan in de loop der jaren een heel belangrijke invloed uitoefenen op de samenstelling en het gedrag van de rechterlijke macht, zegt Peter Hack. “De carrière van elke rechter wordt volledig afhankelijk van die nieuwe president en wie dus omhoog wil en meer wil verdienen, die zorgt dat hij of zij de baas niet tegen de haren instrijkt.” Natuurlijk houden rechters theoretisch de mogelijkheid om altijd hun eigen oordeel te vellen, maar dan zullen ze wel bereid moeten zijn om tegen een hele sterke stroom in te roeien.

Daarnaast zijn en worden er diverse andere maatregelen genomen die de macht van onafhankelijke rechters en rechtbanken aantasten. De kritische president van het Hooggerechtshof Baka, die officieel nog vier jaar in functie is, zal zijn post zeker kwijtraken. Het Hooggerechtshof wordt per 1 januari opgeheven en vervangen door “een ander” instituut met de naam Kuria. Fidesz heeft al laten weten dat ze de grondwet dusdanig zal veranderen dat Baka daar niet de president van wordt. Ook worden zo’n 300 rechters per 1 januari geforceerd met vervroegd pensioen gestuurd. Het betreft de meest ervaren en veelal ook de meest deskundige rechters waaronder veel critici van de nieuwe aanpak. Niet alleen ben je daar dan vanaf, het schept ook ruimte voor de nieuwe President van de Gerechtelijke Raad om een veelvoud van rechters die zij geschikt acht te promoveren (omdat er op alle niveaus posten open gaan vallen).

Ook het Grondwettelijke Hof, heeft een heel andere samenstelling gekregen en krijgt een heel andere rol. Inmiddels zijn 11 van de 15 rechters van dat Grondwettelijk Hof door Fidesz benoemd (een paar hadden zelfs geen juridische praktijkervaring, alleen maar politieke connecties). Bovendien zijn de competenties van het Hof dusdanig ingeperkt dat het zich in praktijk vrijwel uitsluitend nog met individuele zaken zal bezig houden (zoiets als het Hof in Straatsburg). De rol die het Hof tot nu toe had om te controleren of de parlementaire meerderheid zich wel aan de grondwet houdt (daar hebben wij in Nederland de Eerste Kamer voor) komt te vervallen, dat is volgens de regering Orbán niet nodig.

In het Openbaar Ministerie paste de regering Orbán eerder soortgelijk recepten toe. Ook de Nationale Hoofdofficier van Justitie Peter Polt heeft een oppermachtige positie, is een duidelijke Fidesz-benoeming en zit er voor negen jaar en potentieel levenslang. Je moet wel een behoorlijk zelfverzekerde officier van justitie zijn en weinig om je carrièreperspectieven geven wil je tegen zijn wensen ingaan. Ter illustratie: na de vorige Fidesz regering in 2002 diende de nieuwe links-liberale regering 212 klachten in over corruptie, machtsmisbruik en wangedrag door regeringsfunctionarissen van Fidesz. Raad eens in hoeveel gevallen de Nationale Hoofdofficier van Justitie, toen ook Peter Polt, besloot géén onderzoek in te stellen: precies, 212. En overigens kan volgens de Fidesz wetgeving ook deze nationale  hoofdofficier van justitie in alle wat zwaardere zaken (mede) beslissen welke rechter over een betreffende zaak oordeelt.

En zo raakt het gerechtelijke en justitiële apparaat langzaam maar zeker steeds meer in de greep van Orbán en de zijnen met wetgeving die zonder serieuze consultatie met de betrokkenen of experts van buiten wordt doorgevoerd. Dat alles gebeurt met het argument dat er meer efficiëntie nodig is. “Het is absoluut waar dat de oude organisatie, waarbij de rechterlijke macht volledig over haar eigen organisatie besliste, inefficiënt was,” erkent rechtsgeleerde Hack. “Daarom waren er nota bene afgelopen maart nog allerlei hervormingen en wetswijzigingen doorgevoerd, met de volledige steun van de rechterlijke macht. Maar een half jaar later wordt dat allemaal gewoon overboord gegooid in ruil voor een radicaal nieuw systeem dat de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht ondergraaft.”

Verder de afgelopen weken:

Hoofdpunt was natuurlijk dat Hongarije af lijkt te stevenen op een serieuze financiële crisis a la Griekenland. Het buitenland vindt het “onorthodoxe” financiële beleid van de regering veel te onbetrouwbaar. Internationale investeerders hebben hun investeringen in het land bevroren en beginnen zelfs te dreigen het land te verlaten, de kapitaalmarkt is steeds minder bereid geld aan Hongarije uit te lenen, de koers van de forint zakt steeds verder weg (nu rond de 310-315 voor de euro) en de internationale kredietbeoordelaars overwegen om Hongaarse leningen af te waarderen tot “junk” status. Als dat gebeurt zijn de rapen gaar, dan dreigt een faillissement.
Dus suggereert Orbán, die tot gisteren nog tekeer ging tegen “de dictaten en voorwaarden” van het IMF en Brussel, nu opeens dat de regering alsnog een steunpakket wil van …het IMF en de EU, maar dan wel zonder enige voorwaarden. Het lijkt me niet waarschijnlijk dat Brussel en Washington een blanco cheque gaan uitschrijven en de vraag is dan of Orbán zal slikken (wat een enorm prestigeverlies in eigen land betekent want zijn anti-IMF retoriek was ongekend) of het land zal laten stikken.

vrijdag 4 november 2011

Boeman



De voorzitter van het Hongaarse parlement Laszlo Kövér – een van de getrouwen rond premier Viktor Orbán – lijkt vast van plan om te verhinderen dat de tien kamerleden rond ex-premier Ferenc Gyurcsány die uit de socialistische partij stapten een eigen fractie kunnen vormen. Kövér overweegt om daartoe desnoods een nieuwe wet in te voeren, aldus het dagblad Népszabadság.

Wat je ook moge denken over Ferenc Gyurcsány, er is geen twijfel over dat zijn Democratische Coalitie (DK) recht heeft op een eigen fractie in het parlement en de daarbij behorende financiering, plaats in Kamercommissies en spreektijd. De regels zijn tamelijk helder: een nieuwe fractie kan gevormd worden als minimaal tien parlementariërs, die eerst een half jaar als onafhankelijke Kamerleden hebben gefunctioneerd, dat willen.
Met een beetje soepele toepassing van de regels, zou zelfs dat half jaar wachttijd (tot april 2012) niet nodig zijn, maar goed, het zal niemand verbazen dat parlementsvoorzitter Kövér het verdomt soepel te zijn tegenover Gyurcsány, de grote boeman van Viktor Orbán. Maar volgens de krant Népszabadság overweegt Kövér nu ook serieus om de wet met de gedragsregels in het Parlement tussentijds zodanig aan te passen dat de DK het tot 2014 wel helemaal kan vergeten. Je zou bijvoorbeeld vast kunnen leggen dat alleen partijen die aan de verkiezingen hebben meegedaan fracties mogen vormen. Fidesz kan met haar 2/3 meerderheid immers alles beslissen wat ze maar wil.
Met alle scepsis over de wenselijkheid en mogelijkheden van een nieuwe politieke rol van Gyurcsány – is hij niet veel te omstreden om in een verenigde oppositie een rol te spelen – , het bevestigt opnieuw dat hij misschien wel de enige oppositiepoliticus is waar Fidesz echt bang voor lijkt te zijn.

Verder de afgelopen week:

 - Koerswijziging?
De zakelijke Internetsite Portfolio vraagt zich af of er sprake is van een serieuze koerswijziging nu de minister van Economische Zaken gisteren aankondigde dat hij bereid is met de banken om tafel te gaan zitten en te onderhandelen over oplossingen voor de precaire financiële situatie van het land. De regering heeft niet veel keus, constateert Portfolio. De Eurocrisis dreigt uit de hand te lopen en een eventueel Grieks failliet gaat ook voor Hongarije zeer grote consequenties hebben. Op de financiële markten wordt Hongarije nu, na Griekenland, als een van de meest risicovolle landen van de EU gezien dankzij het buitengewoon onnavolgbare, chaotische en autoritaire beleid van de laatste anderhalf jaar. Zonder IMF (dat door de regering buiten de deur is gezet) en zonder samenwerking met de banken (die permanent geschoffeerd worden) is het onmogelijk geld te lenen en kan de economie niet groeien. Portfolio schrijft dat het goed is dat de regering zich nu eindelijk de risico’s realiseert en er ook wat aan wil doen. Ik zou zeggen: het is nog volop herfst en één verdwaalde zwaluw maakt geen voorjaar.

- Jobbik
Jobbik heeft op haar recent gehouden partijcongres haar extreemrechtse koers nog maar eens bevestigd. Partijvoorzitter Gabor Vona kritiseerde weliswaar diverse fascistische splinters rond de partij die alle heil verwachten van gewelddadig optreden (“Soms is het veel effectiever om geen geweld te gebruiken,” aldus Vona) maar hij maakte ook duidelijk dat wat hem betreft Jobbik boven het parlementaire systeem staat. En natuurlijk wil Jobbik uit de EU.

- Volkstelling
 In een dorpje in het oosten des lands is een schandaal uitgebroken omdat de boedistische gemeenschap daar plaatselijke zigeuners zou hebben geholpen met het invullen van de volkstellingsformulieren. In ruil voor hun veelvuldige hulp – de boedisten zorgen vaak ook voor wat extra eten, wat werk, tweedehands kleren e.d. – zouden de zigeuners bij de vraag over religie hebben ingevuld dat ze boedist zijn. Het is bepaald niet onmogelijk dat dit gebeurd is, maar wat dan nog? Iedereen mag bij religie invullen wat hij of zij wil. Het echte schandaal is dat de door de zigeuners ingevulde formulieren door de volkstellingsinstantie zijn overhandigd aan politie en justitie, die nu een strafrechtelijk vooronderzoek zijn begonnen. Hoezo persoonsbescherming?

- Protesten van studenten…
Duizenden studenten hebben op diverse plaatsen in het land gedemonstreerd tegen de bezuinigingen in het hoger onderwijs. De regering lijkt ook op dit punt nog steeds op ramkoers en wil grote bezuinigingen (100 miljoen euro) realiseren door de stiekeme invoering van zware collegeleden (wat niet zo heet omdat Fidesz altijd tegen collegegelden zei te zijn), een halvering van het aantal studenten in het hoger onderwijs (een goede move als je een kenniseconomie wil opbouwen) en de verplichting aan studenten om een contract te tekenen dat ze  een aantal jaren na hun afstuderen niet in het buitenland zullen gaan werken (een zeer Europese gedachte).

- …en vakbonden
Vakbonden houden vandaag op tientallen plekken in het land protesten tegen het beleid van de regering. Stukken van wegen worden afgezet en passerende automobilisten krijgen pamfletten uitgedeeld.


vrijdag 28 oktober 2011

De Hongaarse weg?



De Hongaarse economie koerst af op een recessie. Steeds meer economische analisten en (buitenlandse) experts voorspellen dat de economische groei volgend jaar nul of negatief (min 0,5%) zal zijn. Ook vanuit regeringskringen wordt nu in ieder geval erkend dat de situatie in 2012 veel moeilijker wordt dan tot nu toe gezegd en een enkeling geeft zelfs openlijk toe dat “de Hongaarse weg uit de crisis” waar de regering Orbán de afgelopen anderhalf jaar zo prat op ging, niet heeft gewerkt.

Die Hongaarse weg bestond ondermeer uit de (wederrechtelijke) inbeslagname van 10 miljard euro aan private pensioenspaargelden, extra belastingen op banken en multinationale ondernemingen, de invoering van een nieuw belastingsysteem dat de consumptie zou stimuleren (maar in praktijk alleen de rijken meer geld bezorgt) en het inperken of afschaffen van de macht van onafhankelijke controle-instanties. Desondanks, of juist daardoor (?), komt de economische groei dit jaar waarschijnlijk niet boven de 0,5%, en dat alleen nog maar dankzij het aantrekken van productie in de auto-industrie en omdat de landbouw door het zonnige weer een buitengewone oogst had.
De buitenlandse schuld is ook alleen maar toegenomen, ondanks de belofte van Orbán dat hij deze “staatsvijand nummer één” snel zou temmen en de werkloosheid is ondanks de belofte van 1 miljoen banen in tien jaar gelijk gebleven. De koers van de forint is juist wel gedaald en staat nu tussen de 290 en 300 forint voor de euro, banken verwachten dat ze vrijwel geen leningen meer zullen geven, investeerders kijken de kat uit de boom en de reële inkomens van de laagbetaalden en de middenklasse dalen gestaag.
Na het recente Eurotop beraad in Brussel herhaalde premier Orbán opnieuw dat hij vastbesloten is zijn “eigen Hongaarse weg” te gaan maar wat dat buiten een hoop nationalistische retoriek en bovenstaande misère inhoudt, weet niemand (ook hijzelf mogelijk niet). Veel buitenlandse ondernemers die de illusie hadden dat Fidesz met de slagkracht van zijn twee derde meerderheid de economie weer op de been zou helpen, zijn teleurgesteld, zo bleek op een economische conferentie in Boedapest. Alleen de Hongaarse oligarchen achter Fidesz schijnen er nog enig vertrouwen in te hebben: weliswaar gebeurt er veel wat ook hen niet zint, maar daar overheerst nog het gevoel dat alles wel goed zal komen als Orbán eenmaal zijn macht voor de komende tien of twintig jaar heeft geconsolideerd, aldus een anonieme bron met contacten in die kringen.

Verder de afgelopen twee weken:

- De grote via Facebook georganiseerde demonstratie “Nem tetszik a rendszer” (Het systeem bevalt me niet) was een duidelijk succes. Er waren ondanks het druilerige weer 40 tot 60-duizend demonstranten en, aldus een krantencommentaar, het is duidelijk dat op straat het initiatief niet meer bij Orbán ligt. Wie geïnteresseerd is in de clip met het nieuwe lijflied van de demonstranten (met Engelse ondertiteling) zie http://www.youtube.com/watch?v=GSP81Che1X0

Hoeveel mensen beviel het systeem niet?
- Tegelijk raakt die oppositie partijpolitiek steeds verder verdeeld. De nieuwe vakorganisatie Solidaritás sluit een politieke rol in de toekomst niet uit. De socialistische partij MSZP splitste in een behoudende linker vleugel en een nieuwe sociaalliberale fractie rond oud-premier Ferenc Gyurcsány. Zijn Democratische Koalitie (DK), die met tien man in het parlement zit, vindt dat er uiteindelijk een Olijfboom Coalitie moet komen naar Italiaans voorbeeld. Een groep jongere progressieve intellectuelen richtte de nieuwe partij 4K op (afkorting voor Vierde Republiek) die zich ten doel stelt de democratische oppositie te verenigen. En ook in de groene partij LMP, die een progressieve en conservatieve vleugel heeft, schuurt het.

- Volgens István Stumpf, een van de door Orbán benoemde nieuwe rechters van het Grondwettelijke Hof (een oude politieke vriend zonder praktische ervaring als rechter, rechtsgeleerde of advocaat) kunnen de beslissingen van dat Hof ook gebaseerd worden middeleeuwse Hongaarse wetgeving zoals het “Bloedcontract” van de 9e eeuw (toen de Hongaarse stamhoofden dit land veroverden) en de Gouden Bul van 1222 (een overeenkomst die de machtsverdeling tussen koning en hoge adel regelde). Geen idee wat dat concreet betekent maar erg 21e-eeuws klinkt het niet.

- Het Hongaarse Anti Terrorisme Centrum (TEK) ging plat op de bek toen ze recent een grote partij wapens en munitie in beslag nam op het vliegveld van Boedapest en een triomfantelijke persconferentie gaf. Maar … al gauw bleek het te gaan om een partij filmwapens (onklaar gemaakt, alleen maar geladen met losse flodders enz.), te gebruiken voor de opnames van de nieuwste film van Brad Pitt die op dit moment in de hoofdstad wordt gedraaid. Beetje miscommunicatie? Dat TEK is een elite-eenheid die Orbán direct na zijn aantreden instelde en die onder het gezamenlijk commando valt van het ministerie van binnenlandse zaken en het Bureau van de Premier (in praktijk dus wellicht wat meer onder de laatste?). Het bureau beschikt over ruime financiële middelen en moet de premier en de president beschermen en optreden tegen terrorisme en zware misdaad. Commandant is het hoofd van Orbán’s persoonlijke lijfwacht tussen 2002 en 2008, János Hajdu.

woensdag 12 oktober 2011

Wispelturig



Het beheer van een goedlopend theater in Boedapest wordt in handen gelegd van een duo extreemrechtse idioten, het economisch beleid van de regering Orbán is ook volgens conservatieve critici volledig mislukt en oud president László Solyóm betitelt de zittende regering als een “onconstitutioneel regiem.”

Bevalt het systeem niet? Demonstratie.
De Fidesz burgemeester van Boedapest heeft een uitgesproken extreemrechtse acteur en een voormalige extreemrechtse politicus van 77 jaar benoemd tot respectievelijk artistiek en economisch directeur van Het Nieuwe Theater in de hoofdstad. Dit tegen het uitdrukkelijke wens van zes van de acht leden van de sollicitatiecommissie die de zittende directeur wilden herbenoemen (alleen de twee politieke leden van de commissie – afgevaardigden van stad en regering – waren daar tegen).
Het Nieuwe Theater is niet groots en vernieuwend, maar het is geliefd bij het publiek en financieel rendabel. Dat gaat ongetwijfeld veranderen. De nieuwe directieleden verklaren in hun eigen woorden “de oorlog aan het liberale vermaak dat is gezonken tot het niveau van het bordeel.” De twee radicaalrechtsen willen terug naar het echte, nationale en Hongaars drama. Het probleem is dat de kwaliteit daarvan niet al te hoog is en het publiek ervoor schaars. Dus de uitkomst is voorspelbaar: ouderwets nationalistisch theater, lege zalen, financiële problemen.
Waarom Fidesz het Nieuwe Theater aan deze twee heren wenst te geven, is een raadsel. Het is wellicht een politieke manoeuvre tegen Jobbik, de grotere extreemrechtse partij waarvan dit duo geen lid is, zo speculeren linkse kranten.

Verder deze week:

- Volgens het gerespecteerde Hongaarse economische onderzoeksinstituut GKI zit de economische politiek van de Fidesz regering “op een doodlopend spoor.” De vooruitzichten voor het komend jaar zijn zeer somber (dalende lonen, dalende consumptie, dalende investeringen, nog meer bezuinigingen). Dat is slechts ten dele het resultaat van de crisis in Europa, waar premier Orbán alle schuld legt, maar het gevolg van “wispelturig economisch beleid en het ontbreken van sociale en vakmatige consultatie,” aldus het GKI.
Dit vernietigende oordeel wordt ook gedeeld door tal van conservatieve economen, ondermeer Péter Ákos Bod, minister van economische zaken in een vorige conservatieve regering. Volgens hem heeft het economisch beleid van de Fidesz regering gefaald en zouden daar personele gevolgen uit getrokken moeten worden, waarmee hij ongetwijfeld doelde op het aftreden van de huidige minister van Economische Zaken.

- László Sólyom, de voormalige gematigd conservatieve president die anderhalf jaar geleden nog zo blij was toen Fidesz de verkiezingen overweldigend won, uitte op een congres van geschiedenisleraren fellere kritiek op de regering Orbán dan ooit tevoren. Hij zei ondermeer dat “het regiem … niet langer een grondwettelijke staat is” ondermeer omdat de nieuwe grondwet serieuze tekortkomingen vertoont en de bevoegdheden van het Grondwettelijke Hof dusdanig zijn ingeperkt dat er gebieden zijn waarin de macht van de regering niet langer kunnen worden ingeperkt. Solyóm’s woede hoeft niet te verbazen, hij was immers in 1989/1990 de voornaamste auteur van de grondwet die nu met zoveel verachtig door Fidesz terzijde is geworpen en hij was de eerste voorzitter van het nieuwe Grondwettelijk Hof wier macht door Fidesz nu zo is beknot. 

- Fidesz kwam deze week met een vernieuwd voorstel voor een nieuwe kieswet, misschien wel de meest cruciale wetgeving die de regering Orbán de komende maanden door het Parlement wil loodsen. Later meer hierover, maar de teneur is duidelijk: er worden zoveel mogelijk blokkades opgeworpen om succesvolle deelname door kleine en nieuwe partijen te verhinderen en diverse nieuwe constructies bedacht die een overwinning van Fidesz –ondanks zwaar teruggelopen populariteit – zo waarschijnlijk mogelijk moeten maken.

maandag 3 oktober 2011

Het Hongaarse Solidarnosc



Tussen de 10- en 15-duizend demonstranten namen deel aan de afsluitende vakbondsmanifestatie en demonstratie van afgelopen weekeinde, vooral gericht tegen de bezuinigingen en de belastingpolitiek van de regering Orbán en voor een rechtvaardiger sociaal beleid en serieus overleg met sociale partners. Maar belangrijker was het politieke signaal: voor het eerst tekenden zich hier de contouren af van een nieuwe brede beweging tegen de regering Orbán. Bijna 100 vakbonden en sociale organisaties werkten samen en presenteerden zich als het Hongaarse Solidarnosc (Magyar Szólidáritás).

Op de D-Day manifestaties werkten voor het eerst allerlei groepen uit de samenleving die om diverse redenen ontevreden zijn over het beleid van de regering Orbán samen: een hoop vakbonden (ondermeer politie, brandweer, leger, spoorwegen, ambtenaren, onderwijs, chemie en energie), organisaties van ouderen, gehandicapten, studenten enz. De Hongaarse rapper Dopeman praatte het geheel aan elkaar. Het Hongaarse Solidarnosc is een poging om in ieder geval in de strijd tegen het economische en sociale beleid van de regering Orbán een eind te maken aan de legendarische versplintering van de Hongaarse vakbonden en sociale beweging.
De vakbonden zijn bijvoorbeeld uitermate zwak in de marktsector, maar zelfs in de overheids- en semi-overheidssector, waar ze traditioneel wel sterke aanhang hebben, zijn ze superverdeeld. Er zijn tientallen bonden en bondjes, voor een deel langs politieke en voor een deel langs persoonlijke scheidslijnen. Zo kan de regering Orbán, na het eenzijdig opheffen van een landelijke sociale overleg van regering, werkgevers en werknemers eerder dit jaar, de “sociale dialoog” over haar beleid zogenaamd voortzetten door met een paar aan Fidesz verwante vakbondjes en werkgeversvertegenwoordigers te praten. In het Hongaarse Solidarnosc hebben zich nu een grote reeks bonden en sociale groepen verenigd die een ander beleid willen.
Daarnaast is ook de groep “Één miljoen voor de democratie,” voortgekomen uit de Facebook groep “Één miljoen voor de persvrijheid” die begin dit jaar een paar grote demonstraties tegen de mediawet organiseerde, actief geworden. EMD stelt zich, aldus internationaal woordvoerder János Boris, ten doel om alle groepen die zich inzetten voor een ander beleid en voor herstel en behoud van de democratie en de rechtsstaat zoveel mogelijk samen te brengen en samen te laten werken en tegelijk een open dialoog op gang te brengen over alternatieven voor het huidige beleid. Het was de afgelopen weken ook betrokken bij de organisatie van D-Day en de oprichting van het Hongaarse Szolidarnosc, aldus Boris, en de hoop is dat langs deze weg een brede beweging tot stand kan komen die de aanzet vormt voor een serieus politiek en democratisch alternatief voor de regering Orbán.

Ook recente opiniepeilingen geven weer aan dat zo’n alternatief er nog niet is. De ontevredenheid over en teleurstelling in de Fidesz regering is inmiddels zeer breed en Fidesz heeft nog maar steun van ongeveer een kwart van de bevolking, terwijl Orbán’s populariteit nog nooit zo laag is geweest. Maar het gros van de burgers ziet de bestaande politieke alternatieven ook niet zitten. De socialisten blijven al een jaar steken op een procent of 12, extreemrechts (Jobbik) krijgt de laatste tijd net iets meer dan dat (maar zal van de associatie met allerlei neonazi splinters en ideeën afmoeten om serieus meer te krijgen) en de Groenen van de LMP zitten ook vast rond de drie tot vijf procent. Meer dan de helft procent van de bevolking is zeer ontevreden maar weet het simpelweg niet meer.

Verder deze week:
- De organisatoren van de “ARC billboard tentoonstelling” hebben laten weten dat dit jaarlijkse evenement in Boedapest, waarbij locale artiesten grote werken maken rond actuele politieke en sociale thema’s, niet doorgaat. Volgens organisator Gábor Bokos zijn er geen sponsoren te vinden. De "openheid" die altijd een kenmerk was van de tentoonstelling  is op het moment “niet zo populair,” aldus Bokos.
- De regering wil de collectie van de Hongaarse Nationale Galerij uit het paleis op de burcht weghalen. De Hongaarse meesters moeten naar een nieuw museum dat achter de grote musea op het Heldenplein  gebouwd moet gaan worden. Op zich niets op tegen, maar wat gaan ze doen met dat grote paleis waar ooit de Habsburgse keizer huisde en later regent Horthy?