zondag 19 augustus 2012

Gedestabiliseerd




De gematigd conservatieve ex-president László Sólyom uitte recent felle kritiek op de regering Orbán. Volgens hem was de politiek en de wetgevende praktijk van de Fidesz regering de afgelopen twee jaar roekeloos, in strijd met de Hongaarse en internationale wetgeving en zijn de fundamenten van de Hongaarse samenleving en economie gedestabiliseerd. De plannen voor een kiezersregistratiesysteem betitelde hij als onconstitutioneel en in strijd met de Europese mensenrechten.

Solyóm – zijn leven lang conservatief en nooit zelfs maar gewoon partijlid – was een van de auteurs van de herziene grondwet van 1990 (die twee jaar geleden door Fidesz als “communistisch” werd weggezet), ex-president van het Grondwettelijk Hof  (1990-1998) en ex-staatspresident (2005-2010). Zulke stevige kritiek van zo’n man betekent dus wat, maar daarbij moet worden aangetekend dat Solyóm ook fors uithaalde tegen de onmacht van links en tegen ongefundeerde aantijgingen over “een sluipende invoering van fascisme en dictatuur,” die een objectieve kritiek op wat er mis is bemoeilijken.

De reacties op zijn uitspraken waren gemengd. In regeringskringen, gelijkgeschakelde media en andere rechtse kranten en bladen overheerste de stilte. Het is zeker dat veel gematigde conservatieven in Hongarije, ook degenen die net als Solyóm aanvankelijk de overwinning van Fidesz in 2010 toejuichten, de kritiek delen. Maar de meesten laten zich niet horen en in de Fideszpartij van Orbán waagt vrijwel niemand het om openlijk kritiek op het beleid te uiten.

Ter linkerzijde overheerste in veel reacties helaas de kinnesinne. Solyóm was allesbehalve een vriend van de linkse regeringen tussen 2002 en 2010, zijn persoonlijke aversie tegen voormalige premier Ferenc Gyurcsány is grenzeloos en de kwaliteit van zijn staatspresidentschap op zijn zachtst gezegd discutabel. Je kunt een zeer plausibele redenering opzetten om aan te tonen dat Solyóm in veel opzichten heeft meegewerkt aan het creëren van het politieke klimaat van populisme en polarisering waarin de opkomst en overwinning van Fidesz in 2010 mogelijk was. Maar dat doet er dus allemaal niet toe. Wie ooit een coalitie wil die in staat is om de Orbán-kliek uit het zadel te wippen – een coalitie van links via liberaal tot centrum rechts – moet dus leren samenwerken met mensen met wie in het verleden grote meningsverschillen waren. Wat natuurlijk ook voor Solyóm zelf geldt.

Verder de afgelopen weken:

- Er was veel kritiek toen Fidesz een jaar geleden een aantal onafhankelijke ombudsmannen (media, databescherming, minderheden) ophief en in plaats daarvan Mate Szabó aanstelde als de ene overkoepelende ombudsman. Die kritiek was in veel opzichten terecht, maar gezegd moet ook worden dat Szabó zich ontwikkelt tot een echte pain-in-the-ass van de regering. Hij heeft nu al diverse wetten voorgelegd aan het Grondwettelijke Hof met de kennelijke bedoeling onderdelen van die wetten te blokkeren. Premier Orbán had het zelfs over een “contrarevolutionaire” aanval naar aanleiding van Szabó’s verzoek aan het Hof om de wet op het Hoger Onderwijs (o.a. na je studie verplicht in Hongarije werken) nader te bekijken. Die terminologie! Geleerd op de cursus marxisme-leninisme van de communistische jeugdorganisatie of wat?

- Anderhalf jaar geleden nam Fidesz een wet aan die vastlegde dat apotheken in de toekomst niet langer 100% eigendom mogen zijn van een onderneming. Apotheken in bezit van ondernemingen moeten minimaal voor 51% eigendom zijn van de apotheker(s) die er werken (invoering in twee fases in 2013/2014). Ook deze wet was en is klaarblijkelijk gericht tegen grote (buitenlandse) ketens die de afgelopen jaren apotheken openden. Maar om ongewenste activiteiten van multinationale ondernemingen tegen te gaan, volstaat het om sterk en onafhankelijk markttoezicht in te voeren. Daarvoor heb je niet zo’n draconische aantasting van het recht op eigendom nodig. Bovendien zijn er belangrijke neveneffecten. Zo is er een familie van drie apothekers in Pécs die de afgelopen jaren een kleine keten van negen apotheken heeft opgebouwd.  Die moeten dus nu zes van hun zaken deels verkopen aan de gediplomeerde werknemers die in hun winkels staan. Doet dat u ook ergens aan denken? En de meesten van die potentiële nieuwe eigenaren willen helemaal geen ondernemer zijn (met alle risico’s van dien) en hebben ook het geld voor zo’n aankoop niet. Sluiten dan maar?

- Je moet wat met je kinderen als ze tweeënhalve maand zomervakantie hebben en daarvoor hebben de Hongaren van oudsher de zomerkampen. Daar zitten er ook een aantal curieuze bij (althans, in de ogen van een verstokte links-liberaal als ondergetekende).
 
Zo was er het “Patriotisme Kamp” in Zalaegerszeg waar 50 jongeren zich wekenlang bezig hielden met activiteiten die hen ongetwijfeld tot goede patriotjes opvoeden, zoals paraderen, vlaggen hijsen en wat dies meer zij. De opening werd verricht door de voorzitter van het parlement, de bekende Fidesz nationalist László Kövér die de jongelingen op het hart drukte wat het betekent om Hongaar te zijn: “Het is je gift en erfenis van God, die je moet koesteren en verrijken.”

Een andere mogelijkheid was het Militaire Kamp, opgezet door leger en politie, waar je een basisopleiding tot soldaat kon doorlopen: marcheren, opdrukken, (nacht)wacht lopen, maar ook schieten met een AK-47 (echte ammunitie), gooien met handgranaten, man tegen man gevechten enz. Voor kinderen van 12-16 jaar?

Je kon natuurlijk ook met het hele gezin naar de Turanische Bijeenkomst op de poesta. Dat is een bijeenkomst van allerlei nationalistische groepjes uit een reeks Midden Aziatische landen die de theorie aanhangen dat al deze volkeren (inclusief de Hongaren) dezelfde Aziatisch-Iraanse oorsprong hebben. Wetenschappelijk volkomen kolder maar erg populair onder extreem rechts in Hongarije. En dit jaar werd de bijeenkomst ook nog eens officieel gesponsord door de Hongaarse regering en werden delegaties ontvangen in het parlement (zoiets alsof een VVD-CDA regering een bijeenkomst van de Dietse Beweging sponsort en in de Tweede Kamer ontvangt, heel normaal, toch?).
Anti-zigeuner demo in Devecser

En dan waren er ongetwijfeld nog de nodige bijeenkomsten en kampen van radicaalrechtse paramilitaire organisaties die erom bekend staan dat ze aan semimilitaire training doen. Dat soort types was ook ruim present op een demonstratie tegen zigeuners van Jobbik in het plaatsje Devecser op 6 augustus. Er werd met stenen, flessen en stukken beton gegooid naar huizen van zigeuners. De politie stond erbij en keek ernaar.

- Tenslotte mag het tweedaagse kamp van de Hongaarse Transilvaanse Jeugd in Roemenie niet ontbreken. Fidesz parlementariër Zoltan Köszegi zei daar in een toespraak dat als Fidesz maar sterk genoeg en aan de macht blijft, de wijziging van de Trianon-grenzen misschien al wel in 2020 op de agenda kan komen. Zowel de Hongaarse regering als de Fideszpartij haastten zich te verklaren dat dit een persoonlijke visie van Köszegi betreft en geen officieel beleid. Maar toch.

vrijdag 3 augustus 2012

Een half-Aziatisch zooitje




Europa is hopeloos en wordt nooit een succes, democratische principes en instituties zijn minder belangrijk dan de wil van het volk, en een nieuw politiek systeem in plaats van democratie kan noodzakelijk worden. Drie uitspraken van premier Viktor Orbán waarmee hij opnieuw de nodige opschudding veroorzaakte.


Elke zomer houdt Orbán in het Roemeense dorpje Tasnádfürdő een toespraak voor zijn aanhang in Roemenie en traditiegetrouw zet hij daar tamelijk onomwonden zijn lange termijn visie uiteen. Zo liet hij in Tasnádfürdő in 2006 voor het eerst weten dat Fidesz toe wilde naar een systeem waarin één partij vrijwel ongecontroleerde macht had. Inmiddels is dat systeem gevestigd.
Ditmaal lanceerde Orbán een frontale aanval op de EU en Brussel. Volgens hem is in de huidige crisis Brussel de kern van het probleem. Het is te bureaucratisch, houdt zich met onnutte dingen bezig en probeert grotere integratie door te voeren tegen de wil van de nationale volkeren. Maar de huidige wedergeboorte van natiestaten is een feit, Europa is hopeloos en wordt nooit een succes maar strompelt slechts voort als een slaapwandelaar. Het moge duidelijk zijn dat Orbán de EU eigenlijk liever kwijt dan rijk is… behalve natuurlijk het kleine feit dat 90% van de investeringen die vandaag nog worden gedaan in Hongarije afkomstig zijn van dat vermaledijde Brussel. Internationale bedrijven investeren niet meer in Hongarije omdat ze het te onzeker vinden, Hongaarse bedrijven investeren niet meer omdat ze geen geld hebben, alleen de EU verstrekt nog op grote schaal subsidies.
In dezelfde toespraak in Tasnádfürdő hekelde Orbán de westerse politieke elite ook om haar geloof in (democratische) principes en instituties. Hij gaf toe dat hij zelf ook had geloofd dat zulke principes en instituties de beste garantie voor succes zijn, maar inmiddels weet hij beter, het gaat om de wil van het volk en die zogenaamde “checks and balances” waar de Westerse elite zoveel belang aan hecht, zijn helemaal niet zo belangrijk. De praktijk is bekend, een groot deel van de onafhankelijke controleorganen en instituties is de afgelopen twee jaar in Hongarije afgeschaft of ernstig ondergraven (media, rechters, justitie, financiële toezichthouders enz. enz.)
In een andere toespraak, tijdens een bijeenkomst met een aantal werkgevers op 26 juli, ging Orbán nog een stapje verder. Hij herhaalde zijn idee dat West Europa in verval is terwijl Centraal en Oost Europa een nieuw economisch systeem op moeten bouwen dat meer op het Aziatische model is geënt. En, voegde hij daaraan toe, “laat ons hopen dat God ons daarbij helpt en dat we niet, om economisch te overleven, ook een nieuw politiek systeem in plaats van democratie hoeven uit te vinden en te introduceren.” Ben ik nu gek of zegt hij eigenlijk: als de economische crisis werkelijk uit de hand loopt, kan het nodig zijn de democratie opzij te zetten en een nieuw politiek systeem in te voeren?
In dezelfde toespraak tot werkgevers noemde Orbán de Hongaren “een half-Aziatisch zooitje” (a half-Asiatic rag-tag people as we are) en benadrukte dat je Hongaren alleen maar tot samenwerking kunt krijgen door dwang, niet door goede wil. “Misschien zijn er landen waar het niet zo werkt, bijvoorbeeld in Scandinavië, maar zo’n half-Aziatisch zooitje als wij zijn kan alleen maar verenigen als het daartoe gedwongen wordt." Een visie op maatschappelijke dialoog? Op de toekomst? Een zelfportret?

Verder de afgelopen weken:
- diverse Fidesz prominenten hebben laten doorschemeren dat het vrijwel zeker is dat  er een vorm van verplichte kiezersregistratie komt. Je moet je bijvoorbeeld voor 31 januari 2014 inschrijven als kiezer anders mag je niet meedoen bij de verkiezingen van mei dat jaar. In de VS en Groot Brittannië bestaan zulke systemen omdat die landen geen goede burgerlijke stand hebben. Frankrijk verplicht kiezers zich te registreren als ze 18 jaar en stemgerechtigd worden en verder alleen als ze verhuizen. Maar Hongarije heeft een prima burgerlijke stand en er is dus geen enkele administratieve noodzaak voor een aparte kiezersregistratie. En wat Fidesz wil, gaat ook veel ook verder want het doel, aldus voorstanders binnen Fidesz, is het uitsluiten van de stemmen van de zwevende kiezers die op het laatste moment in een opwelling beslissen. Of in de woorden van een door Népszabadság geciteerde Fidesz politicus: “om het ongeschoolde, slechtgemanierde en domme stemvee dat zich gemakkelijk laat beïnvloeden door campagneslogans weg te houden.” Het mag ironisch heten dat juist die zwevende kiezers Fidesz in 2010 haar 2/3 meerderheid bezorgden, maar goed. Het is natuurlijk toeval dat nu onder die groep de aanhang voor de oppositie (ditmaal socialisten en extreem rechts) groeit en dat hun uitsluiting dus de electorale kansen van Fidesz aanzienlijk vergroot. De regering Orbán komt in het najaar met gedetailleerde voorstellen.
- Toen de regering Orbán twee jaar geleden de private pensioenfondsen nationaliseerde en zich miljarden euro’s aan pensioenspaargeld toe-eigende, beloofde het aan de werknemers dat die later al hun geld terug zouden krijgen. Want, zo verklaarde Fidesz een en andermaal, ook bij de staatspensioenen gaan we individuele rekeningen introduceren zodat ieder pensioengerechtigde precies kan bijhouden hoeveel er door hem gespaard is en hoeveel hij t.z.t. krijgt uitgekeerd. Welk een verrassing: een paar weken geleden is stilzwijgend besloten dat die individuele rekeningen er niet komen. De in beslag genomen spaargelden zijn voor het grootste deel als sneeuw voor de zon verdwenen, naar gaten in de begroting, naar speciale projecten, naar half-mislukte deals op de aandelenmarkt.


- Nog zo’n club die de mond vol heeft over hoe slecht de EU wel niet is voor dat kleine maar dappere Hongarije, maar zich tegelijk niet schaamt om EU gelden in hun zak te steken: Jobbik. Uit documenten waar weekblad HVG de hand op wist te leggen, blijkt dat de Jobbik afgevaardigde in het Europees Parlement Csanád Szegedi (jawel, de man wiens grootmoeder een Joodse Auschwitz overlevende bleek en die nu de partij heeft verlaten) drie andere rechtsextremisten als “assistenten” had geregistreerd zodat ook die drie Europese salarissen van 3000-3700 euro per maand (vier tot vijfmaal modaal in Hongarije) op konden strijken. De drie gelden al jaren als de voornaamste redacteuren van een neonazistische website.

woensdag 25 juli 2012

Een beproefd recept


Vorige week liet het openbaar ministerie in Hongarije weten dat het een aanklacht wegens corruptie en bedrog tegen oud premier Ferenc Gyurcsány in de zogenaamde Sukoro zaak heeft laten vallen „wegens gebrek aan bewijs.” Het zoveelste met veel bombarie en tromgeroffel gepresenteerde „schandaal” waarin oppositionele politici betrokken zouden zijn en dat vervolgens – veel later – in alle stilte van tafel verdwijnt. Maar intussen is de reputatie van een politieke tegenstander zwaar beschadigd. Het is een beproefd recept geworden.

Precies hetzelfde overkwam een groep filosofen in Boedapest, waaronder Agnes Heller, die zware kritiek uitten op de conservatieve Orbán revolutie. Anderhalf jaar geleden stonden de rechtse media opeens vol verhalen dat zij op grote schaal overheidssubsidie hadden misbruikt voor persoonlijke doeleinden. Vertegenwoordigers van Fidesz spraken er schande van en het openbaar ministerie startte een onderzoek. Het onderzoek is een tijdje geleden stilzwijgend stopgezet omdat er geen enkel bewijs was. De filosofen in kwestie werden overigens niet van die stap op de hoogte gesteld, maar kwamen daar bij toeval achter.
Het projectplan van het Sukoró casino

Ook de Sukoro zaak had vanaf het begin alle kenmerken van een politieke aanklacht. In het kort: een groep Israëlische investeerders wilde bij het Velencemeer bij Boedapest een groot casinocomplex bouwen. Ze kochten land aan de oever en uiteindelijk hadden ze ook een gesprek met premier Gyurcsány, waarin ze hun plan presenteerden. Nu waren er goede argumenten om tegen het plan te zijn – er zou een prachtig stuk natuurgebied verloren gaan en wat moet het land met weer zo’n megalomaan gokproject – maar de regering Gyurcsány was positief omdat het een miljardeninvestering in euros betrof die een paar duizend banen kon opleveren. Toen Fidesz in 2010 aan de macht kwam werd het project niet alleen stopgezet, maar werden er in de rechtse pers en de staatsmedia en door Fidesz politici ook beschuldigingen gelanceerd dat er sprake was van corruptie en gesjoemel met contracten waardoor de Hongaarse overheid miljarden forint financiële schade had geleden. Het OM begon een onderzoek en zette diverse betrokkenen ernstig onder druk om te verklaren dat Gyurcsány persoonlijk bij het project betrokken was en het door had willen drukken (ze weigerden). En steeds weer die boodschap in de media: corrupt, corrupt, corrupt. En dan wordt het onderzoek opeens in alle stilte stopgezet omdat er zelfs geen flinter van bewijs is.

Nog zo’n zaak: de centrumrechtse partij MDF – ooit een concurrent van Fidesz en Orbán – en het UD schandaal. Een paar jaar terug kreeg het MDF bestuur een CD toegespeeld met opnames van telefoongesprekken tussen een zeer machtige Hongaarse bankier met rechtse sympathieën en mensen van beveiligingsbedrijf UD. Uit die opnames werd niet alleen duidelijk dat het beveiligingsbedrijf illegaal MDF politici afluisterde en betrokken was bij interne partijtwisten, maar ook dat dat met medeweten en op verzoek van hoge Fidesz politici was gebeurd. Het MDF bracht de opnames in het openbaar en … werd vervolgens door het OM aangeklaagd wegens aantasting van de goede naam van UD. Jarenlang sleepte het proces zich voort. Uiteindelijk werd de partij door een rechtbank vrijgesproken, maar wat kopen we daarvoor, aldus voormalig partijleidster Ibolya David? De schade aan onze reputatie was gedaan en we verloren de verkiezingen van 2010, Fidesz had zijn doel allang bereikt.

De lijst van dit soort zaken is aanzienlijk langer. Fidesz stelde in 2010 zelfs een aparte regeringscommissaris aan die als enige taak had alle corruptieschandalen van de vorige linkse regeringen, die er volgens Fidesz volop waren, bloot te leggen en hen voor het gerecht te slepen. Tot op de dag van vandaag heeft die commissaris niet één enkele zaak met succes aangebracht. Maar dat geeft niet. De beschuldigingen worden gelanceerd, de onderzoeken houden “het schandaal” levend en de schade aan de politieke tegenstander is maximaal.

Natuurlijk wil dat niet zeggen dat er geen corruptie was onder de vorige regeringen. Die was er en daar is tot op de dag van vandaag onvoldoende verantwoording voor afgelegd door de socialisten. Hoe ernstig het was is moeilijk te zeggen. Dat valt misschien nog het best af te lezen uit de onderzoeken van Transparency International.  Dat plaatst Hongarije al jaren ergens tussen West-Europa aan de ene kant en Roemenie, Bulgarije of Griekenland aan de andere (en TI concludeert nu overigens dat het de laatste twee jaar erger wordt en dat de staat gekaapt is door privébelangen).

Maar door de hetzecampagnes in de rechtse en overheidsmedia, de schandalige politisering van elke zaak door regeringspartij Fidesz en de ontegenzeggelijke partijdigheid van het openbaar ministerie, dat wordt geleid door een zeer machtige Fidesz vertrouweling, is het voor een buitenstaander nog moeilijker dan anders om te beoordelen wat in elk concreet geval waar is en wat niet, wat recht is en wat niet, en wie een eerlijk en onafhankelijk oordeel velt en wie niet.

zaterdag 7 juli 2012

Kritische rechter ontslagen

Gisteren heeft de Hongaarse president een rechter ontslagen die eerder in het openbaar kritiek uitte op de door de Fidesz regering doorgevoerde veranderingen in het rechterlijke systeem. Rechter László Ravasz wendt zich nu samen met de Hongaarse Vereniging voor Burgerlijke Vrijheden (HCLU) tot het Europese Hof voor Mensenrechten in Straatsburg omdat hij vindt dat zijn recht op vrije meningsuiting is aangetast.

Ravasz was rechter in de provincie Csongrád en uitte vorig jaar in diverse media zeer scherpe kritiek op de veranderingen die de Fidesz-regering doorvoerde in het rechterlijke systeem. Een disciplinair hof verbonden aan de Kuria – het door Fidesz in het leven geroepen hoogste rechtscollege – vond op 29 maart dat rechter Ravasz met zijn kritiek een ernstige disciplinaire overtreding beging en droeg hem voor ontslag. Wat hij dus op 6 juni kreeg.

Prent in de burcht van Siklós: duimschroeven

Nu zal iedereen het ermee eens zijn dat rechters zich in het openbaar dienen te onthouden van meningen over lopende rechtszaken en dat ze zeer terughoudend dienen te zijn in kritiek op regeringsbeleid. Maar het betrof hier een zeer zwaarwegende hervorming van het gerechtelijk apparaat die alom tot heftige debatten en serieuze kritiek leidde. Tot de critici behoren tal van juristen, rechters en voormalige rechters en de Venetië Commissie, een panel van juridische deskundigen van de Raad van Europa. Om dan rechter Ravasz om die reden te ontslaan – in de motivatie staat nota bene dat “de inhoud van wat hij heeft gezegd” de reden is voor zijn ontslag – is buiten proportie. Maar het geeft goed weer welk politiek klimaat er inmiddels heerst binnen het gerechtelijke en justitiële apparaat waarin alle topposities worden ingenomen door zeer machtige Fidesz getrouwen die vrijwel ongecontroleerd kunnen beschikken over de carrières van rechters en officieren van justitie.

Daarmee is nog niet het hele gerechtelijke apparaat onder Fidesz controle. Diverse rechters en rechtscolleges hebben de afgelopen twee jaar vonnissen gewezen die tegen de regerende partij ingaan. Maar het wordt steeds moeilijker te zien waar de onafhankelijke rechtspraak eindigt en de angst voor de heersende partij begint en de duimschroeven worden wel steeds verder aangedraaid. Waarmee Ravasz ook steeds meer gewoon gelijk krijgt al is het de vraag of hij zijn gelijk ooit haalt..

Verder de afgelopen weken:

- Veel commotie over Europarlementariër Csanád Szegedi van de extreemrechtse partij Jobbik, bekend om haar antisemitisme en antizigeuner campagnes, die nu heeft ontdekt dat hij zelf van Joodse afkomst is. Nu moet hij het eigenlijk zelf wel geweten hebben want hij kwam in zijn jeugd vaak bij zijn grootmoeder die nota bene in Auschwitz heeft gezeten en een nummer op haar arm getatoeëerd heeft. Maar hoe een mens met zo’n afkomst bij zo’n partij kan zitten? De zaak kwam aan het rollen door een interne partijruzie waarbij concurrenten van Szegedi de waarheid over zijn afkomst bekend maakten en er op aandrongen hem uit de partij te zetten. Zelf zegt Szegedi nu dat een mens op zijn daden beoordeeld moet worden en niet op zijn afkomst, en dat bovendien 99% van de Hongaren een gemengde afkomst heeft (Joden, zigeuners, Slaven enz.). Helemaal waar, maar wat doe je dan bij die neonazi’s? Een linkse commentator van weekblad HVG merkte op dat dat van die grootmoeder in Auschwitz niets bewijst, daar werden immers niet alleen Joden vermoord maar ook zigeuners?

- Afgelopen weekeinde vonden de International Gay Games plaats in Boedapest, iets wat al onder het vorige links-liberale gemeentebestuur was geregeld. Het huidige Fidesz gemeentebestuur  maakt volstrekt duidelijk dat ze van dit soort dingen eigenlijk niets moet hebben, maar de regering wil ook geen internationaal gedonder dat ze te weinig doet om homo’s te beschermen en dus was er een zeer zware beveiliging en een enorme politiemacht. “We voelden ons net apen in een kooi en voor Hongaren was het ook onmogelijk om gewoon even te komen kijken want je moest eerst door enorm veel controle heen,” aldus een paar deelnemers. Dit weekeinde vindt in Boedapest de jaarlijkse Gay Parade plaats en daar zal het vast niet anders zijn. 

- Het Grondwettelijk Hof heeft de maatregel van de regering om studenten te dwingen een contract te tekenen dat ze na de universiteit verplicht een aantal jaren in Hongarije moeten werken ongrondwettelijk verklaard. Volgens het Hof kan de regering niet op zo’n wijze eenzijdig de vrijheid om elders in Europa te werken inperken.

- De Mediaraad zet haar vendetta tegen het kleine maar kritische Klubradio voort. Klubradio is nu door de raad uitgesloten van deelname aan de tender voor haar eigen radiofrequentie (let wel, al eerder had een rechter bepaald dat Klubradio die frequentie onterecht niet had gekregen maar dat vonnis wordt door de mediaraad genegeerd). Klubradio gaat weer in beroep.

- Eindelijk, eindelijk, eindelijk heeft de regering nu de wet op de onafhankelijkheid van de nationale bank zo gewijzigd dat de EU en het IMF er (redelijk) tevreden mee zijn – daar heeft de regering Orbán slechts zeven maanden over gedaan. Nu kunnen op 17 juni de voorbereidende gesprekken over een krediet van 15-20 miljard euro beginnen en wellicht eind augustus of september de echte onderhandelingen.  Maar we zijn er nog lang niet, want de Fidesz regering blijft steeds weer nieuwe omstreden maatregelen nemen zodat de waslijst van dingen die het IMF en de EU anders willen alleen maar langer wordt en de kans op succes bij onderhandelingen steeds geringer.

vrijdag 22 juni 2012

Toenemend antisemitisme?



Na regent Miklos Horthy en een drietal fascistische schrijvers, begint nu de rehabilitatie van bisschop Ottokár Prohászka (1858-1927) langzaam vorm aan te nemen. De katholieke bisschop is uiterst controversieel vanwege zijn rabiate antisemitisme en zijn fervente anti-Joodse propaganda in de jaren twintig. Hij werd in 1920 parlementslid en was een van de drijvende krachten achter en opstellers van de numerus clausus wet die dat jaar in Hongarije werd aangenomen: de allereerste wet in Europa in de 20e eeuw die het aantal Joden op universiteiten en in bepaalde beroepen beperkte.

Hongarije is de laatste maanden geplaagd door een hele reeks antisemitische incidenten, variërend van het bekladden van monumenten en de bedreiging van een bejaarde rabbi op straat tot de rehabilitatie van prominente antisemieten uit de jaren twintig en dertig zoals regent Miklos Horthy en drietal fascistische schrijvers.
Recente bekladding: "Vuile Joden, dit is niet jullie land."
Het was aanleiding voor Elie Wiesel, de prominente Holocaust overlevende en winnaar van de Nobelprijs voor de vrede in 1986, om de allerhoogste Hongaarse onderscheiding (het Grootkruis in de Orde van Verdienste) die hij in 2004 kreeg, terug te geven. Wiesel werd in 1929 geboren in het Roemeense Transsylvanie, dat in 40-44 door Hitler aan Hongarije werd (terug)gegeven. De deportaties richting Auschwitz werden in juni 1944 door Hongaarse functionarissen en onder formeel opperbevel van Horthy georganiseerd. Volgens Wiesel “moedigen de Hongaarse autoriteiten het witwassen van een tragische en misdadige periode in het Hongaarse verleden aan.”
Ook de Speciale VS Afgevaardigde voor het monitoren en bestrijden van antisemitisme Hannah Rosenthal publiceerde een verklaring waarin ze haar verontrusting uitsprak over wat er de laatste maanden op dit gebied in Hongarije gebeurt. En volgens Peter Feldmajer, hoofd van de federatie van Hongaarse Joodse gemeenschappen, zijn antisemitische opmerkingen niet meer kenmerkend voor extreemrechtse politici, maar zijn ze in brede conservatieve kring gemeengoed geworden.

Maakt dat alles Fidesz tot een antisemitische partij? Nee, daarvoor moeten we vooralsnog bij Jobbik zijn. Maar Fidesz is wel een partij waar al sinds jaar en dag op alle niveaus, ook helemaal aan de top, politici zitten die bij tijd en wijle de meest verschrikkelijke antisemitische uitspraken doen en sommigen van hen zijn wel degelijk uitgesproken antisemieten. Niemand in die partij windt zich daar erg over op en er is nog nooit iemand op aangesproken door de partijleiding, laat staan uit de partij gezet. Het is de Fidesz minister van onderwijs die de boeken van fascistoïde schrijvers uit de jaren dertig in het schoolcurriculum opneemt en het zijn locale Fidesz bestuurders die beelden plaatsen en straten hernoemen naar hun helden uit de jaren dertig. Het is de regeringspartij Fidesz die een autoritaire machtsstructuur schept en het zijn Fidesz leiders die steeds weer polariseren met uitspraken dat links vermorzeld moet worden, dat de invloed van socialisten en liberalen uit de maatschappij moet worden verbannen en dat socialisten eigenlijk geen recht hebben in het parlement te zitten. Het is Fidesz dat om electorale redenen steeds weer beleidspunten overneemt van neonazi partij Jobbik.

Er is kortom de afgelopen twee jaar een politiek klimaat geschapen waarin radicaal rechts denken en dus ook antisemitisme salonfähig is geworden, waarin het groeit en bloeit en, met een kleine variant op dr. Fop I. Brouwer, ons voor je het weet weer boeit. Het is prima als een aantal gematigde Fidesz politici, de fellow travelers van radicaal rechts, zeggen dat ze het antisemitisme verfoeien en dat de regering harder moet en zal optreden tegen antisemitische incidenten, maar het is ook volstrekt onvoldoende.


Verder deze weken:

- Het regeringsggezinde weekblad Heti Válasz heeft een contract getekend met het Fidesz deelgemeentebestuur van district II van Boedapest, waarin het toezegt in een Boedapester bijlage van het blad niets negatiefs over dat bestuur te zullen schrijven in ruil voor 275.000 forint (1000 euro) vergoeding per maand. Heti Válasz en een ander rechts blad Demokrata hebben de afgelopen twee jaar al 100 miljoen forint (350.000 euro) opgestreken dankzij soortgelijke contracten met Fidesz deelgemeentes.

- Muziek radiozender NeoFM is zijn vergunning kwijt omdat het zijn financiële vergoedingen aan de Mediaraad niet langer kon betalen. Het ogenschijnlijk merkwaardige is dat een andere muziekzender, Class FM, dergelijke financiële problemen helemaal niet heeft, hoewel beide zenders ongeveer evenveel luisteraars hebben. Maar NeoFM is eigendom van een persoon met banden met linkse politici en kreeg vorig jaar slechts zeer mondjesmaat advertenties van de overheid en dit jaar helemaal niets. Terwijl  Class FM, eigendom van de Fidesz oligarchen Nyerges en Fellegi, juist volop advertenties van de staat en van staatsbedrijven kreeg. De Staatsloterij spendeerde in 2011 82% van haar advertentiebudget van 708 miljoen forint aan Class FM, dat ook advertenties kreeg van ondermeer het bureau van de premier, de Paks kerncentrale, het ministerie van nationale ontwikkeling, het ministerie van justitie en het Landbouw Marketing Centrum. Lang leve de persvrijheid.


maandag 11 juni 2012

Nieuwe kritiek van Venetië commissie


De Venetië commissie, een groep internationaal gerenommeerde juridische experts van de Raad van Europa die eerder al de grondwet en de mediawetgeving in Hongarije onderzocht (en serieus kritiseerde), komt donderdag met een rapport over een aantal andere wetten en opnieuw zal het oordeel naar verluid uiterst kritisch zijn.

De experts hebben de nieuwe kieswet, de positie van het Constitutionele Hof, de onafhankelijkheid van het justitieel apparaat en de nationaliteitenwetgeving (dubbele paspoorten en stemrecht voor Hongaren in het buitenland) onderzocht en volgens persberichten hebben ze op alle gebieden opnieuw een aantal fundamentele kritiekpunten.

Dat wordt dus opnieuw een zware dobber voor die conservatieve Hongaren die de regering Orbán nog steeds in bescherming nemen en beweren dat alle kritiek niet meer is dan een opeenhoping van misverstanden en gebrek aan kennis bij critici en heel veel verongelijkt gezeur van de linkse oppositie. Tenzij je natuurlijk gewoon beweert dat de Venetië commissie een club ongeïnformeerde linkse dilettanten is – jawel, ik heb het argument al gelezen – maar dat argument zal niet bij veel mensen aanslaan.

Het is niet waarschijnlijk dat de regering Orbán zich heel veel van die kritiek zal aantrekken. Vorige week nog liet Eurocommissaris voor telecommunicatie Neelie Kroes zich zeer negatief uit over de manier waarop de Hongaarse regering was omgegaan met de kritiek van de Venetië commissie op de mediawet. Van de 66 aanbevelingen voor verandering nam de Hongaarse regering er op 4 Juni slechts 11 over. “Er is niet tegemoet gekomen aan de zorgen van de Raad van Europa en de Europese Unie,” aldus een verontwaardigde Neelie Kroes.

Het is inmiddels zo ver dat er zich een meerderheid in de Raad van Europa begint af te tekenen om t.a.v. Hongarije een permanente monitoring procedure in werking te stellen ( ja, ook een deel van de conservatieven is daar voor). Die procedure is tot nu toe alleen gebruikt voor landen die een aanvraag tot lidmaatschap van de EU hebben ingediend, nooit voor een land dat al EU lid is. Het is, zo moge duidelijk zijn, geen teken dat Hongarije het op internationaal diplomatiek niveau erg goed doet.

Verder deze week:

-  Alle opiniepeilers constateren inmiddels een enorme val in de populariteit van Fidesz, dusdanig dat het voor het eerst weer voorstelbaar is geworden dat de democratische oppositie verkiezingen in 2014 zou kunnen winnen. Maar 2014 is nog ver weg. En niet alleen heeft Fidesz de regels uitgebreid opgerekt en aangepast om ervoor te zorgen dat ze zelfs met weinig stemmen de verkiezingen nog wint (en kan de partij daarin nog heel wat verder gaan), maar Orbán heeft het systeem ook zo ingericht dat Fidesz een eventuele andere coalitie het regeren volstrekt onmogelijk kan maken.
Blauw is weet niet, geel Fidesz, rood MSZP.

- In een uitgelekte video-opname zegt een hoofdadviseur van het Hongaarse verkeersinstituut dat de regering Orbán de sluiting van een reeks spoorlijnen voorbereid (een gevoelig punt, want Fidesz  heeft daar altijd fel campagne tegen gevoerd), maar dat er gewacht wordt met de aankondiging totdat er een zondebok voorhanden is. “Als de IMF besprekingen van start gaan en er gezegd kan worden dat het IMF stinkende en smerige kapitalistische gieren zijn die ons dwingen de lijnen te sluiten.” Een regeringswoordvoerder ontkent uiteraard dat er zulke plannen bestaan.

- De huidige regering heeft het land in de verkeerde richting geleid, ondanks het feit dat haar voorganger (de regering Bajnai…HH) de financieel-economische positie van Hongarije aanzienlijk had verbeterd. En nee, dat is niet de mening van een koppige, links-liberale criticaster, maar die van Attila Chikán, minister van economische zaken in de Fidesz regering in 1998-1999. De regering heeft er twee jaar over gedaan om zich te realiseren dat het voortzetten van haar zogenaamde economische vrijheidsstrijd ernstige consequenties zou hebben. Het zou de regering sieren als ze openlijk toegaf gaf dat het tot nu toe gevoerde beleid fout was, aldus Chikán.

- Maar dat zit er niet in. De huidige minister van Economische Zaken György Matolcsy liet in een interview op CNN nog eens weten dat het geweldig gaat met Hongarije, dat er een prachtig Hongaars sprookje in de maak is en dat volgend jaar (elk jaar zegt hij "volgend jaar"…HH) de grote economische groei en bloei zal beginnen. De interviewer van CNN kon zijn ongeloof over de antwoorden die hij kreeg nauwelijks onder controle houden.

- Tenslotte het oordeel van investeerders: uit een onderzoek onder Duitse bedrijven in welkl land in het voormalige Oostblok Duitse ondernemingen het liefst investeren, komt Hongarije nu helemaal onderaan op de 13e plaats. Vorig jaar stond Hongarije nog op de tiende plaats, ook al mager – de concurrenten Tsjechië, Polen en Slowakije staan respectievelijk één, twee en drie – maar toen hield het in ieder geval Roemenië, Servië en Bulgarije nog achter zich. Niet langer.

zaterdag 2 juni 2012

Putin-light: de halfvrije media



In de marge – met name op het internet - bestaat er in Hongarije persvrijheid en pluriformiteit. Dat is dan ook het standaardargument voor sommigen om te beweren dat er niets aan de hand is en dat iedereen in Hongarije als hij wil elke mening kan ventileren en lezen. Klopt, maar vrijheid in de marge is niet het punt, die is er ook in het Rusland van Putin. De Amerikaanse NGO Freedom House kwalificeerde recent de mediasituatie in Hongarije niet voor niets als “halfvrij.”


Buiten die marge, bij de grote commerciële TV-zenders, de populaire radiostations, de publieke omroepen, het merendeel van de dag-, week- en huis-aan-huis bladen, kortom bij de media die de massa van de bevolking bereiken, is de situatie heel anders. Daar overheersen volgzaamheid en zelfcensuur, het resultaat van commerciële en wettelijke druk en een van Azerbeidjan gekopieerd systeem van “co-regulering” dat critici karakteriseren als het “outsourcen” van censuur

Zonder vrije pers is er geen democratie.
Maar eerst het positieve nieuws. Onder druk van Europa wordt de mediawetgeving maandag 4 juni op een aantal punten aangepast. Journalisten kunnen niet meer zomaar gedwongen worden hun bronnen prijs te geven, gedrukte en online media vallen niet meer rechtstreeks onder de inhoudelijke controle van de Media autoriteiten en media kunnen niet langer gedwongen worden willekeurig welke gegevens over  zichzelf en hun functioneren aan de Media autoriteiten te overhandigen. Prima allemaal, maar…

Aan de kern van de kritiek van Europese deskundigen geeft de Hongaarse regering niets toe. De almachtige positie van door Fidesz benoemde Media autoriteiten blijft. Die autoriteiten kunnen nog steeds enorme boetes opleggen aan media voor “ernstige” overschrijding van fatsoensnormen, belediging van religieuze overtuiging e.d. Wat ernstig en wat fatsoen is bepalen die autoriteiten zelve en media kunnen niet inhoudelijk tegen zo’n boete in beroep bij een rechter. Het is dus niet ondenkbaar dat een zender die al te kritisch is over de regering extra boetes oploopt voor andere overtredingen, want er is altijd wel wat te vinden. Het resultaat is zelfcensuur: de meeste onafhankelijke commerciële media mijden controversiële kwesties en politiek in het algemeen zoveel mogelijk.

Ook blijven de Hongaarse publieke omroepen slaafse regeringsspreekbuizen waar van bovenaf directe censuur wordt uitgeoefend (“Je moet echt alles voorleggen, ik wordt er gek van,” aldus een omroepmedewerker die uiteraard niet geïdentificeerd wenst te worden). Hetzelfde geldt voor het nationaal persbureau MTI. Nadat een vakbond van werknemers daar recent protesteerde tegen een reorganisatie, besloot de regering het aantal werknemers van MTI te verminderen tot onder de 50 … zodat het personeel wettelijke geen recht meer heeft op vakbondsvertegenwoordiging.

Om de onafhankelijke media extra onder druk te zetten is er bovendien een systeem ingevoerd dat eigenlijk uit de wereld van het Internetbeheer komt: co-regulering. De Mediaraad heeft, in ruil voor de toezegging dat ze zou afzien van boetes, met overkoepelende organisaties van uitgevers e.d. contracten afgesloten waarbij die organisaties zich verplichten erop toe te zien dat de media onder hun bereik de inhoudelijke richtlijnen van de mediaraad (objectiviteit, fatsoen, enz.) respecteren. Volgens Miklos Haraszti, mediadeskundige en voormalig mediawaarnemer van de OVSE, is Hongarije met die aanpak, die in zijn woorden neerkomt op het uitbesteden van de censuur, uniek in Europa. Het effect is uiteraard nog meer zelfcensuur.

Daarnaast is een heel groot deel zo niet de meerderheid van de media (TV, radio, gedrukte pers) inmiddels al opgekocht door aan Fidesz-gelieerde bedrijven. Ook de huis-aan-huis bladen die ik in Vác in de bus krijg – en die mede worden gefinancierd door de locale (Fidesz) overheid –  zijn stuk voor stuk regeringsgezind en het is in de meeste steden niet anders. De markt van outdoor advertenties (plakkaten op bushokjes, muren, gigantische borden langs snelwegen enz.) wordt al jaren overheerst door bedrijven van goede vrienden van premier Orbán. Bovendien hebben rechtse en radicaalrechtse radiostations (Lánchíd Rádió, Mária Rádió, Európa Rádió) de afgelopen twee jaar bij de toewijzing en herschikking van frequenties de helft van alle tenders gewonnen. Een typische gang van zaken: een zeker radiostation doet veruit het hoogste aanbod en belooft bijvoorbeeld speciale locale programmering. Een paar maanden nadat Media autoriteit besloten heeft dat die zekere tender de tender heeft gewonnen, besluit de Media-autoriteit dat het station de speciale locale programmering mag schrappen en dat het ‘t toegezegde enorme bedrag toch niet hoeft te betalen. Het nieuw contract waarin staat hoeveel ze dan wel betaalt, is niet openbaar.

De paar oppositionele traditionele media die er nog wel zijn, worden ernstig in hun functioneren beperkt. Zo krijgen ze nauwelijks tot geen advertenties meer van de overheid en van overheidsbedrijven en durven veel commerciële bedrijven niet bij die media te adverteren omdat ze bang zijn (en hen met zoveel woorden te verstaan is gegeven) dat dan hun zakelijke relaties met de overheid wel eens in gevaar zouden kunnen komen. Het bekende geval van talk radiostation Klubradio, de enig overgebleven oppositionele radiozender, laat bovendien zien hoe de Media-autoriteit kritische geluiden ook met ondoorzichtige regels en beslissingen aan kan pakken. De meest recente noviteit: de Fidesz meerderheid in het parlement heeft een wet aangenomen die bepaalt dat de Media-autoriteit Klubradio geen frequentie hoeft te geven, zelfs als de rechtbank in hoger beroep binnenkort (opnieuw) mocht besluiten dat dat wel moet.


Gezien het voorgaande zal het niemand verbazen dat de twee grote commerciële TV zenders van het land, RTL Klub en TV2 die samen misschien wel 90% van het TV kijkende publiek bereiken, zich buitengewoon stil houden. Politiek is vrijwel uit de programmering geschrapt en de nieuwsvoorziening is zeer omzichtig. De grote angst bij die zenders is dat ze de vergunning voor hun frequentie, die dit jaar vernieuwd moet worden, kwijtraken. Of dat ze bijvoorbeeld gedwongen worden een groot pakket an hun aandelen af te staan aan een aan Fidesz-gelieerd bedrijf. Ik weet het, dat klinkt als maffia, maar het gebeurt. Het ooit zeer populaire radiostation Danubius bijvoorbeeld zegt dat het een paar jaar terug een dergelijk “aanbod” kreeg (naar verluid van de man die later minister van economische zaken werd in de Fidesz regering). Danubius weigerde …en was een half jaar later haar vergunning helemaal kwijt.

"Dit is allemaal flagrant in strijd met het persklimaat zoals dat in een EU land hoort te zijn," aldus Haraszti. "De paradox is dat dit alles gebeurt binnen de EU, maar dat de EU er weinig tot niets daadwerkelijk aan kan doen omdat daartoe de middelen en mechanismes ontbreken."


Verder deze week:

-Volgens de Europese Centrale Bank zijn de veranderingen die de regering Orbán (a.s. maandag) doorvoert in de wetgeving op de positie van de Hongaarse Nationale Bank (MNB) onvoldoende. De onafhankelijkheid van de MNB is nog altijd niet gegarandeerd en dus kunnen de gesprekken met het IMF over een lening nog altijd niet van start. Langzaam maar zeker nadert de koers van de forint weer de gevarenzone (gisteren 306 voor de euro).

- De populariteit van Fidesz en premier Orbán is de afgelopen maand opvallend sterk gedaald. Fidesz en MSzP zijn nu in sommige peilingen bijna even sterk en Orbán is nog nooit zo onpopulair geweest.

- Transparency International stapt uit het overleg met politieke partijen over wetgeving die fraude en corruptie bij partij- en campagnefinanciering moet tegengaan. De werkelijkheid is dat dat overleg nooit op gang is gekomen omdat Fidesz afgevaardigden nooit geen tijd zeggen te hebben om aanwezig te zijn, aldus TI.

- Ex president Pál Schmitt, in maart afgetreden vanwege plagiaat, krijgt niet alleen de rest van zijn leven van de staat een inkomen, een staf, een dienstauto en een villa in de heuvels van Boeda, maar de regering Orbán wil dat nu ook vastleggen in een cardinale wet die deel van de grondwet is. Zodat een nieuwe regering dit alles alleen maar van Pál af kan pakken als ze een 2/3 meerderheid heeft.

- Een correctie op mijn stuk over oligarchen en de Fidesz vrienden die honderden hectaren landbouwgrond kregen toebedeeld. Ik schreef toen op gezag van een andere publicatie dat velen van hen de 300 euro EU subsidie incasseerden en vervolgens hun land verpachtten en ook nog eens pachtopbrengst incasseerden. Dat is onjuist, al is de werkelijkheid niet veel beter. Degene die de grond pacht, krijgt van de EU de landbouwsubsidie van 200 tot 300 euro (afhankelijk van diverse factoren). Maar de hoogte van de pachtsom die hij aan de eigenaar van de grond betaalt, is min of meer aan die subsidie gekoppeld en kan oplopen tot 100-150 euro per hectare. Zo vloeit een aanzienlijk deel van de EU subsidie naar de eigenaar van de grond en die hoeft over die inkomsten vervolgens in Hongarije geen cent belasting te betalen (inkomen uit lease van land is belastingvrij). Nog steeds zeer lucratief dus.