Posts tonen met het label Samen 2014. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Samen 2014. Alle posts tonen

donderdag 9 januari 2014

De schade beperken



Tot verrassing van velen, inclusief schrijver dezes, gooide Gordon Bajnai van Samen 2014 al na twee dagen overleg de handdoek in de ring en ging ermee akkoord dat de MSZP nu ook formeel de oppositiecoalitie gaat leiden en dus Attila Mesterházy naar alle waarschijnlijkheid de uitdager van Viktor Orbán wordt. De kans dat deze “oude ploeg” de verkiezingen over drie maanden wint, mag je gerust nihil noemen.

Je kunt je afvragen waarom de nieuwe onderhandelingen begin deze week met zoveel bombarie werden aangekondigd, want de nieuwe overeenkomst doet niet veel meer dan bevestigen wat ook in de al bestaande halfslachtige samenwerking zat opgesloten: de grootste partij (de socialisten) levert de premier en lijsttrekker (Mesterházy). Verder is er opnieuw overeengekomen dat de Demokratische Koalitie (DK) van Gyurcsány zich bij de coalitie mag aansluiten maar hoe en wat moet nog worden besproken en dat ging al eerder mis dus dat is afwachten.
Hoe dan ook is er van de oorspronkelijke ambitie van Bajnai en Samen 2014 niets over. Toen Bajnai in oktober 2012 het strijdtoneel betrad was dat met het doel een brede coalitie te scheppen die nieuw elan kon geven aan de democratische oppositie. Daartoe moest er een onafhankelijke en aansprekende leider komen en een program dat brede delen van het electoraat kon aanspreken, van links tot centrumrechts. Het devies was: niet terug naar de aloude tweestrijd tussen Fidesz en de MSZP, maar serieuze politieke vernieuwing. Die strategie is dus spectaculair mislukt.
Mesterházy’s lijsttrekkerschap symboliseert dat dit gewoon de oude linkse ploeg van vóór 2010 is: de fractieleider van toen (Mesterházy), de linkse premier van toen (Gyurcsány) en de minister van Economische Zaken van toen (Bajnai) samen op een socialistische lijst. Dat zou niet erg zijn als de MSZP wezenlijk was veranderd, maar dat is helaas niet zo. Bovendien is de partij er onder Mesterházy, ondanks de breed levende onvrede met de regering Orbán, niet in geslaagd haar aanhang uit te breiden, heeft de MSZP geen coherent beleidsalternatief en is Mesterházy zelf allesbehalve een aansprekende leider die een doorbraak kan forceren. Kortom; zelfs als de verkiezingen werkelijk eerlijk zouden zijn, zou Orbán de strijd nog vrij gemakkelijk winnen, laat staan na alle gerommel met kiesregels, persvrijheid en wat dies meer zij.

Het is dan ook geen wonder dat buiten de grotendeels uit 50+-ers bestaande MSZP kringen eigenlijk niemand in de oppositie erg enthousiast reageert op de “nieuwe” overeenkomst, net zoals de halfslachtige overeenkomst van oktober j.l. zeer lauw werd ontvangen. Alles is beter dan Orbán, maar niemand gelooft hier echt in. Naar de motieven van Bajnai om zo snel akkoord te gaan met deze deal kan men vooralsnog slechts gissen. Het heeft waarschijnlijk alles te maken met het beperken van de schade. Ook in het Bajnai kamp is de hoop voor 2014 opgegeven en zijn de ogen al gericht op 2018. Intussen moet als het even kan wel voorkomen worden dat Fidesz nu opnieuw een tweederde meerderheid haalt, met of zonder de hulp van Jobbik. Zelfs dat zal nog een hele opgave worden.

maandag 6 januari 2014

Met de billen bloot

Het is officieel: Gordon Bajnai van Samen 2014 heeft gisteren
in een TV interview laten weten dat de oppositiecoalitie met de socialisten van de MSZP heronderhandeld moet worden. Wat hem betreft dient ook de Demokratische Koalitie (DK) van Ferenc Gyurcsány deel van de samenwerking te gaan uitmaken en moet er toch één gezamenlijke lijsttrekker, één gezamenlijk program en één gezamenlijke campagne komen. Bovendien heeft hij laten weten dat hij zelf bereid is af te zien van het gezamenlijke lijsttrekkerschap.

Nooit meer Fidesz! (een sinaasappel is het Fidesz symbool)
Zoals ik op 13 december schreef, waren er achter de schermen al enige weken gesprekken gaande tussen Bajnai en Gyurcsány die in deze richting wezen. Want niemand geeft op dit moment een stuiver voor de kansen van de oppositie in zijn huidige vorm om  a.s. april Orbán en Fidesz bij de verkiezingen te verslaan. Alle waarnemers en journalisten, van rechts tot links, bestempelen nu vrijwel dagelijks de overwinning van Viktor Orbán als zo goed alsl zeker. Sinds de aankondiging in september van de halfslachtige samenwerking tussen Samen 2014 en de MSZP hebben beide partijen in de opiniepeilingen geen procent gewonnen. Integendeel, nu de nationaal-populistische campagne van de regering langzaam op gang begint te komen, neemt de aanhang van Fidesz zelfs toe.

De stelling van een deel van het Bajnai kamp dat de deelname van Gyurcsány aan een coalitie afschrikwekkend werkt voor het winnen van stemmen onder teleurgestelde Fidesz stemmers is achterhaald. Het is inmiddels duidelijk dat de meer betrokken centrumrechtse kiezers die teleurgesteld zijn in Fidesz hoe dan ook geen deel uit willen maken van welke linkse oppositiecoalitie dan ook, met of zonder Gyurcsány. Spijtig, maar zo is het nu eenmaal. De grote meute van teleurgestelde kiezers - de mensen die in 2010 Orbán stemden omdat ze een radicale koerswijziging wilden - heeft veel minder moeite met Gyurcsány of ziet juist wel wat in zijn klip en klare oppositiekoers. Om die stemmen te winnen en tenminste nog enige kans te maken (al is het een kleine), is daarom een brede linkse coalitie de enige optie.

De bedoeling is dat Samen 2014 en de MSZP nog deze week gaan praten en daarbij is de inzet hoog. Het is heel wel dankbaar dat MSZP leider Attila Mesterházy vasthoudt aan zijn huidige koers waarin hij de leider van de oppositie wil zijn en waarin in feite het eigen korte termijn partijbelang (het accepteren van de overwinning van Fidesz in 2014, maar met een zo goed mogelijk resultaat voor de MSZP als opstap voor een mogelijke overwinning in 2018) voorop staat. Samen 2014 zal de moed op moeten brengen om man en paard te noemen: ofwel een echte en brede coalitie onder leiding van een onafhankelijk persoon ofwel ieder voor zich, maar dan moet ook duidelijk zijn wie die brede eenheid heeft geblokkeerd. Met de billen bloot.

woensdag 25 september 2013

Verkiezingsfraude in Baja?

Is er wel of geen fraude gepleegd bij de tussentijdse verkiezingen in het stadje Baja, waarbij een kandidaat van regeringspartij Fidesz afgelopen zondag nipt won van een kandidaat van de verenigde linkse oppositie? Was er daadwerkelijk sprake van “kiezerstransport” en van “ketting-stemmen” en wel op een schaal die de einduitslag beslissend beïnvloedde?

Melinda Teket namens de gehele linkse oppositie
In één district van het stadje Baja in zuidoost Hongarije moest afgelopen zondag een tussentijdse verkiezing worden gehouden omdat een Fidesz gemeenteraadslid was overleden. Het district bestaat uit vijf stembureaus en telt 2913 stemgerechtigden. In 2006 en 2010 won de Fidesz kandidaat in dit district van Baja met gemak en haalde meer dan 60% van de stemmen, maar nu werd de strijd met een kandidate van de gezamenlijke linkse oppositie een nek aan nek race. Uiteindelijk won Fidesz met 467 tegen 406 stemmen (een opkomst van ruim 30% wat voor een tussentijdse verkiezing als redelijk geldt).

Al op zondagmiddag kwam de eerste klacht binnen van een oppositiewaarnemer die zei dat bij één stembureau twee Fidesz activisten (een van hen een zigeunerleider) hem hadden gewaarschuwd dat hij het niet moest wagen hen de hele tijd te controleren. Een dag later duikt er een filmpje op van een man die met zijn auto kiezers naar precies dat stembureau transporteert en zich verontschuldigt dat dit al zijn derde rit is, waarop de zigeunerleider die voor het stembureau staat, opmerkt: “Maakt niet uit, al kom je vijftig keer.” En dan is er die merkwaardige afwijking in de uitslag. In vier van de vijf stembureaus van Baja krijgen beide kandidaten bijna evenveel stemmen (waarbij de oppositie in drie van de vier bureaus nipt wint), maar bij het genoemde stembureau wint de Fidesz kandidaat opeens heel ruim zodat hij uiteindelijk in de totaaluitslag 61 stemmen meer heeft.

Hier past een kleine uitleg over de manier waarop ook bij eerdere verkiezingen de uitslag al illegaal werd beïnvloed: het kopen van stemmen, kiezerstransport en ketting-stemmen. Het kopen van stemmen van met name zigeuners in ruil voor cash of de belofte van protectie, werk o.i.d. is relatief gemakkelijk. Zeker in kleinere plaatsen zijn heel veel zigeuners analfabeet, werkloos en straatarm. Ze overleven dankzij een minimale uitkering, af en toe een baantje in de werkverschaffing en de uitdeling van gratis brandhout en voedsel, allemaal zaken waarin de plaatselijke autoriteiten (met name de burgermeester) een sleutelrol vervullen. Als ook de plaatselijke woekeraar (een zigeuner waarbij je grote schulden hebt omdat je geld hebt geleend tegen een paar 100 procent rente) met diezelfde autoriteiten samenwerkt, is nee zeggen heel moeilijk.

De vraag is hoe je vervolgens garandeert dat de persoon wier stem je hebt gekocht ook echt een stem uitbrengt op de kandidaat van jouw keuze? Dat is minder moeilijk dan het lijkt. Eerst zorg je ervoor dat de betrokkene ook daadwerkelijk gaat stemmen en dus worden deze stemgerechtigden met de auto van huis opgehaald en naar het stemlokaal gebracht. Dit kiezerstransport is volgens de Hongaarse wet verboden, maar het gebeurt toch, zie het filmpje (het is overigens volgens de nieuwe door Fidesz ingevoerde kieswet met ingang van de parlementsverkiezingen van voorjaar 2014 niet meer verboden). Vervolgens heeft de stemmenkoper maar één enkel leeg stembiljet nodig. Dat ene biljet wordt buiten het stemlokaal “correct” ingevuld en dan door de kiesgerechtigde onder zijn kleren meegenomen. Binnen krijgt hij of zij een leeg stembiljet, in het stemhokje worden de twee verwisseld en dan gaat het “correcte” biljet in de stembus en wordt het lege biljet buiten in de auto aan de opkoper gegeven. Die het opnieuw invult en aan de volgende kiesgerechtigde geeft.

Het is geen methode die fraude op hele grote schaal mogelijk maakt, maar het kan in kleine plaatsen waar een paar dozijn stemmen het verschil kunnen maken, wel degelijk net dat extra duwtje in de “correcte” richting zijn. De veronderstelling van de oppositie is dat iets dergelijks ook is gebeurd in dat ene stembureau in Baja dat in een arme wijk met veel zigeuners staat. Want naast de genoemde gebeurtenissen zijn er ook zeer sterke aanwijzingen dat de twee genoemde Fidesz activisten bij het stembureau in Baja beiden eerder bij dergelijke fraudes betrokken waren in de steden Pécs en Kiskunfélegyhaza (van een van de twee bestaat zelfs een opname waarin hij dit toegeeft). Het probleem is natuurlijk: dit zijn allemaal suggestieve aanwijzingen, maar dat is nog iets anders als onomstotelijke bewijzen wie hier precies op welk moment wat heeft gedaan. En dan moet je ook nog hard maken dat er in dit geval meer dan 61 stemmen zijn gekocht zodat de uitslag echt niet klopt. De oppositie heeft diverse klachten ingediend, zowel bij de Kiescommissie als bij justitie. Wordt vervolgd?

En dan dit nog:

* Bij een tussentijdse verkiezing in het stadje Vác twee weken geleden won ook de Fidesz kandidaat. Dat was geen verrassing gezien het conservatieve karakter van het betreffende district, maar het viel toch op dat de ingang van het stembureau was versierd met … een paar enorme posters van de Fidesz kandidaat.

* Op 23 juli van dit jaar werd Sándor Kocsis, onderburgermeester van het dorp Abaújlak, officieel berispt voor het vervalsen van documenten. Hij had vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 het aantal kiesgerechtigden in het dorp kunstmatig verhoogd door een aantal mensen als woonachtig op zijn adres in het dorp te registreren (waar ze uiteraard niet woonden). Kocsis, de vader van een prominente Fidesz parlementariër, bekende schuld.

* Nog even terug naar Baja: daar deden de drie grote centrumlinkse oppositiepartijen wat ze landelijk nog niet schijnen te kunnen. De oppositie had één gezamenlijke kandidaat namens de socialistische MSZP, Samen 2014 en de Democratische Koalitie van oud-premier Gyurcsány. Er wordt gespeculeerd dat zo’n samenwerking ook op landelijk niveau op het allerlaatste moment vlak voor de verkiezingen van 2014 toch nog tot stand kan komen.

woensdag 21 augustus 2013

Zomerzorgen

De uitbetaling van alle EU subsidies aan Hongarije is eerder deze maand opgeschort. Volgens Brussel zijn er geen concrete aanwijzingen voor fraude, maar klopt de administratie en het controlesysteem van de Hongaarse regering niet. Het land krijgt minimaal een boete van een paar honderd miljoen euro en raakt in het ergste geval – als het de problemen niet snel oplost - een paar miljard euro aan subsidies kwijt.

Er is nog heel veel onduidelijkheid over zowel de omvang als de consequenties, maar het ligt voor de hand dat de totale reorganisatie van de subsidieadministratie in Hongarije door de regering Orbán in Brussel niet goed is gevallen. Tot 2010 functioneerde alles redelijk, al ging er ongetwijfeld het nodige mis. Maar toen Orbán aan de macht kwam werden vrijwel alle ambtenaren die zich met de subsidies bezig hielden (meer dan 100) eruit gegooid en langzaam maar zeker vervangen door nieuwe mensen (bijna 600!). Eerst viel de subsidiestroom nog onder het ministerie van economische zaken maar sinds een half jaar heeft het bureau van premier Orbán er directe controle over..

In oppositiekringen wordt al langer gezegd dat er op grote schaal met EU subsidies wordt gerommeld en wel op zo’n wijze dat vooral bedrijven en personen die Fidesz gezind zijn de gelden opstrijken. Officieel mag de  EU dan wellicht nog geen concrete aanwijzingen voor fraude hebben, maar waar geld wordt uitgedeeld zonder deugdelijke controle (en daar is hier dus sprake van) is gerommel en fraude onvermijdelijk.

Verder de afgelopen zomerweken:

* Na het overlijden van Annámaria Szalai dit voorjaar is er eindelijk een nieuwe media-commissaris benoemd. De allerhoogste baas van de oppermachtige en veel bekritiseerde Hongaarse Media Autoriteit werd, op voorspraak van premier Orbán, Mónika Karas. Ze werkte de laatste jaren als advocate voor diverse Fidesz gezinde media. In de jaren 90 was ze betrokken bij de extreemrechtse partij MIÉP en dáár weer voor werkte ze voor de communistische partij van Hongarije, MSZMP. Niet bepaald een onafhankelijke en alom gerespecteerde dame dus en de benoeming werd door alle oppositiepartijen dan ook fel bekritiseerd.

* Dit najaar wordt wetgeving van kracht die het mogelijk maakt om anoniem staatsobligaties te kopen. De betrokkene hoeft ook de bron van zijn geld niet te onthullen. Het gaat om minimaal 20.000 euro dat voor vijf jaar op een speciale bankrekening kan worden gezet. Daarna mag de eigenaar zijn (voorheen zwarte) geld inclusief eventuele winst belastingvrij (!) opnemen. Critici noemen het een gelegaliseerde witwasoperatie waar ongetwijfeld ook de aan Fidesz gelieerde notabelen met graagte gebruik van zullen maken.Het is nog onduidelijk wat de EU van deze regeling vindt.

* De regering is van plan staalbedrijf Dunaferr terug te kopen. Dunaferr werd in 2004 geprivatiseerd en is eigendom van een Oekraïense holding. Zoals de meeste staalbedrijven in Europa draait het slecht (het maakte de afgelopen drie jaar 20 miljard forint per jaar verlies) en de eigenaren willen nu 1500 van de 7500 werknemers ontslaan. De renationalisatie moet dat voorkomen en Hongaarse banen behouden, althans dat is de regerings-PR. Maar de realiteit zal ongetwijfeld zijn dat de overheid er een groot verliesgevend bedrijf bij heeft waar jaar in jaar uit bakken geld in moeten zonder dat het ook maar iets oplevert.

* Een Fidesz woordvoerder heeft de oppositie ervan beschuldigd dat ze betaald wordt door “bepaalde buitenlandse financiële kringen” waaronder George Soros om “een campagne te voeren tegen de regering en Hongarije.” Volgens de Fidesz woordvoerder “hebben VS speculanten miljoenen dollars besteed om Fidesz, de Hongaarse regering en Hongarije aan te vallen via organisaties die zichzelf mensenrechten, anti-corruptie en Roma organisaties noemen.” Hij noemde daarbij TASZ, het Helsinki Committee, homorechtengroep Hatter, Vrouwen tegen Geweld, en Amnesty International bij name. Op een of andere manier doen dit soort uitspraken me denken aan….Rusland, China, Zimbabwe?

* In de stad Székesfehérvár hield premier Orbán op 19 augustus een speech ter gelegenheid van Sint Stefansdag op de 20e (Koning Stefan is in het jaar 1000 in deze stad gekroond en begraven). Aan een plaatselijk orkest van strijkers was gevraagd eerst een passend stuk te spelen en zij kozen voor “Roemeense volksdansen” van de grote Hongaarse componist Béla Bartok. Maar dat vonden de stadsvaderen klaarblijkelijk wat te gevoelig gezien de oplopende spanningen met Roemenië de afgelopen weken en dus kondigden zij het stuk liever aan als “Volksdansen.” Hoe klein kun je zijn?

* In Szigetvár heeft de burgemeester mensen in de plaatselijke werkverschaffing ingezet om … te ‘demonstreren’ tegen oppositieleider Gordon Bajnai die in het stadje een zaal met aanhangers toesprak. “Samen 2014”heeft een video-opname waarin diverse werklozen verklaren dat ze door het gemeentebestuur waren bevolen om te verschijnen.

* Er komt een speciaal historisch instituut dat de omwenteling van 1989/1990 in Hongarije in een nieuw perspectief gaat plaatsen. Het instituut zal rechtstreeks onder premier Orbán vallen en de directeur wordt Zoltán Bíro, nota bene een voormalige communist (ambtenaar in de cultuursectie van de MSZMP) die na 1990 nationalist en aanhanger van radicaal rechts werd. Hij verafschuwt volgens eigen zeggen het liberalisme en vindt democratie maar zo-zo. In 2009 zei hij in de rechtse krant Magyar Hírlap onder meer: “Fidesz zou zelfs dictatoriale instrumenten moeten gebruiken want men dient het bestaan van de natie te eren en als heilig te beschouwen en niet de doctrine van democratie en vrijheid.” Dat wordt me het wetenschappelijke onderzoek wel.

* Jobbik woordvoerder Ádám Mirkoczki pleitte voor de invoering van chemische castratie, de doodstraf en gevangenissen op basis van etnische afkomst (speciale gevangenissen voor zigeuners). Om nog even te onderstrepen dat het altijd nog gekker kan.

dinsdag 18 juni 2013

Wie gaat de oppositie leiden?

Vrijdag beginnen de definitieve onderhandelingen tussen de diverse oppositiepartijen over samenwerking bij de verkiezingen in mei 2014. Maar een positieve uitkomst is bepaald niet verzekerd. Er is veel frictie en weinig succesvolle praktische samenwerking tussen de socialisten (MSZP) en de groeperingen die Samen 2014 vormen. En op de kernvraag wie de coalitie moet leiden, Attila Mesterházy van de MSZP of Gordon Bajnai van Samen 2014, is fundamentele onenigheid en dat kan makkelijk een breekpunt blijken. Wat betekent dat de verkiezingen verloren zouden zijn voor ze zelfs maar zijn begonnen.

Bajnai (l) en Mesterházy
Bajnai en aanhang erkennen dat de MSZP de grootste en dus zeer belangrijke partij in de coalitie is. De MSZP heeft in elke stad en dorp van het land een organisatie, een partijkantoor, geld en in totaal zo’n 30.000 activisten. Samen 2014 is sterk in Boedapest en heeft daar mogelijk een paar duizend activisten, maar stelt in de rest van het land weinig voor. Desondanks vindt Samen 2014 dat Bajnai de coalitie moet leiden en de nieuwe premier moet worden omdat de oppositie alleen dan die paar honderdduizend zwevende kiezers aan kan trekken die zwaar teleurgesteld zijn in Orbán en Fidesz maar nooit op een door de socialisten geleide oppositie zullen stemmen. Zonder zo’n “bruggenbouwer” is de overwinning van de oppositie onmogelijk, zeggen zij.

Mesterházy bestreed dat vandaag in een gesprek met buitenlandse correspondenten. Hij erkent dat brede samenwerking van de oppositie nodig is om een overwinning te behalen, maar denkt dat dat heel goed kan onder zijn leiding. Wij willen een gezamenlijk programma en een gezamenlijke lijst, waarbij wij ook bereid zijn in tal van kiesdistricten (vooral Boedapest) een kandidaat van Samen 2014 op de eerste plaats te zetten en actief te steunen met onze organisatie, onze activisten en ons geld. Maar waarom zou de veruit kleinste partner de leider moeten leveren? Temeer daar in opinieonderzoeken blijkt dat we beiden ongeveer even populair zijn?

Vooralsnog lijken beide heren hun hakken ferm in het zand te hebben gezet. Bajnai kan (en wil?) niet toegeven, mede omdat hij zich organisatorisch heeft verbonden aan het buitenparlementaire Milla (dat al die demonstraties organiseerde) en aan de linkerfractie die van de groene partij LMP is afgesplitst. In beide groepen zijn sterke antisocialistische tendensen. Mesterházy zegt dat hij het aan zichzelf en zijn achterban niet kan verkopen dat zij, als grootste en best georganiseerde partij, in alles tweede viool zou moeten spelen. Wij gaan ons inzetten voor kun kandidaten, aldus Mesterházy, maar wat is hun concessie aan ons? De suggestie van een derde kandidaat, bijvoorbeeld de burgemeester van de stad Szeged László Botka (socialist, zeer populair en een ervaren en pragmatische bestuurder die heeft bewezen over partijgrenzen heen te kunnen reiken) wees Mesterházy ook categorisch van de hand. Maar wie weet, in een later stadium?

Natuurlijk zijn er ook nog allerlei andere vraagstukken waar ze het eens over moeten worden, maar daar ligt waarschijnlijk meer ruimte voor compromis. Samen 2014 legt bijvoorbeeld veel nadruk op thema’s als democratie, verantwoord economisch beleid en onderwijs en cultuur, terwijl de MSZP de neiging heeft “bread and butter issues” en de corruptieschandalen rond Fidesz meer te benadrukken en dat ook met een zekere dosis populisme te mengen (Mesterházy: we winnen zwevende kiezers alleen als ze ervan overtuigd zijn dat het huidige regiem niet klopt en dat ze met ons een beter leven krijgen). Samen 2014 vindt dat de Fidesz grondwet geamendeerd (en dus deels behouden) kan worden, terwijl de MSZP benadrukt dat er een geheel nieuwe grondwet moet komen op basis van een brede en langdurige discussie in de samenleving en de politiek. Ook de positie van de Democratische Koalitie van ex-premier Ferenc Gyurcsány is een heikel punt (wij willen dat de DK meedoet, aldus Mesterházy, en als Gyurcsány belooft een post op de achtergrond te accepteren, kan dat voor Samen 2014 acceptabel zijn).

De MSZP heeft ook een belangrijke stap gedaan door op voorhand te verklaren dat zij zich zal committeren aan anticorruptie wetgeving die geheel door Transparency International wordt geschreven. Beide groepen zijn het verder vergaand eens over de noodzaak om, na een eventuele verkiezingsoverwinning, serieuze compromissen te sluiten met centrumrechts (met uitsluiting van de harde kern rond Orbán), over het vermijden van een bijltjesdag (wie competent is, kan blijven) en over het belang om je aan de geldende rechtsregels te houden (er zijn legale mogelijkheden om veel van de nieuwe regels die tot doel hebben de macht van Fidesz te verankeren, te omzeilen).

In oktober moeten de onderhandelingen “op de ene of de andere manier” zijn afgesloten, aldus Mesterházy. Het is dus nu of nooit.

zondag 28 april 2013

Eén gezamenlijke oppositie



De kogel is eindelijk door de kerk. Samen 2014 en de socialistische partij MSZP hebben definitief afgesproken dat ze vanaf nu één gezamenlijke oppositie vormen tegen het Orbán regiem. De leiders van de twee partijen, Gordon Bajnai en Attila Meszterházy, maakten die afspraak gisteren bekend.

Gordon Bajnai en Attila Mesterházy
Bij de verkiezingen van 2014 komt er in ieder district slechts één gezamenlijke kandidaat en er komt een gezamenlijke landelijke lijsttrekker. Bij alle tussentijdse verkiezingen zullen vanaf nu ook gezamenlijke kandidaten naar voren geschoven worden die gezamenlijk campagne voeren. De partijen houden op elkaar aan te vallen of te verzwakken en Mesterházy en Bajnai gaan vanaf nu hun werkzaamheden coördineren. Op lokaal niveau gaat er ook nauw samengewerkt worden tussen de partijactivisten (de MSZP heeft er zo’n 40.000 in het hele land, Samen 2014 maximaal 10.000 met het accent op Boedapest).

Samen 2014 – dat ook het buitenparlementaire Milla, de vakbond Solidarnosc en Dialoog voor Hongarije (de voormalige centrumlinkse vleugel van de Groenen) bevat – heeft zich daarmee eerder dan aanvankelijk de bedoeling was aan de MSZP gelieerd. Samen 2014 wilde aanvankelijk zoveel mogelijk tijd om meer centrumrechtse politici en andere publieke figuren die grote kritiek hebben op het beleid van de socialisten in het verleden, bij haar organisatie te betrekken. Maar het staat inmiddels wel vast dat zulks een schier hopeloze taak is. Hoeveel kritiek er ook in centrumrechtse kring is op Orbán c.s., de meesten van die critici weigeren ook categorisch zich openlijk met de oppositie te associëren.

De MSZP geeft met de verbintenis definitief het streven op om te zien in hoeverre ze op eigen kracht in staat is een vuist tegen Fidesz te maken. Diverse tussentijdse verkiezingen in gemeentes en deelgemeentes hebben de afgelopen maanden duidelijk gemaakt dat socialistische kandidaten in hun eentje kansloos zijn. Het ligt nu ook in de lijn der verwachting dat de landelijke lijsttrekker ofwel Bajnai ofwel een nog onbekende derde gaat worden, maar niet de socialist Mesterházy.

Verder afgelopen week:

* Het staatsmonopolie op tabaksverkoop draait, zoals te verwachten was, uit op een goede deal voor weer heel wat aan Fidesz gelieerde figuren. Er zijn in een niet-openbare en volstrekt ondoorzichtige vergunningenprocedure 3.500 vergunningen uitgegeven om tabak te verkopen en een groot deel daarvan aan mensen met de juiste politieke connecties. Volgens weekblad HVG ging het zo ver dat in veel gemeentes de locale Fidesz baas besliste wie een vergunning kreeg en dat in sommige gemeentes de Fidesz fractie er over heeft gestemd. Geen toeval dus dat er opvallend veel vergunningen uitgegeven zijn aan mensen rond de CBA winkelketen (een grote sponsor van Fidesz). Ook diverse mensen met connecties met de Fidesz politicus die de wet heeft opgesteld vallen in de prijzen, net als bijvoorbeeld de 19-jarige zoon van de Fidesz burgemeester van het dorpje Fonyód aan het Balaton (hij kreeg drie vergunningen) en drie leden van één familie in het stadje Esztergom die de hand wisten te leggen op tien van de 16 vergunningen daar. Van de meer dan 15.000 winkeliers die tot nu toe tabak verkochten, heeft het overgrote deel geen vergunning gekregen. Onder hen een man in Budakalász wiens familie al meer dan 70 jaar in de tabaksverkoop zit. Zijn grootvader raakte de familiezaak kwijt toen de communisten zijn winkel nationaliseerden in de jaren ’50, deze man raakt zijn inkomen kwijt nu Fidesz hem in feite hetzelfde trucje flikt. Gisteren dienden twee Fidesz politici ook nog eens een wet in die de winnaars van deze tabaksvergunningen van staatswege een winst van minimaal 10 procent garandeert. Al eerder was vastgelegd dat de betreffende winkeliers naast tabak ook alcohol, frisdranken, tijdschriften en loterijtickets mogen verkopen. Zodat ook de uitbaters van die stalletjes nu oneerlijke gesubsidieerde concurrentie krijgen.

* Hetzelfde laken een pak in de tenders voor landbouwland. Fidesz dissident Jozsef Angyán (ex-staatssecretaris van landbouw) slaat nu al twee jaar de trom over de wijze waarop Fidesz vriendjes lucratieve pachtcontracten krijgen toegespeeld. In twee provincies (Fejér en Borsod) is 80% van de contracten naar Fidesz relaties gegaan, voor zeker de helft ook nog eens naar mensen die geen locale boeren zijn maar behoren tot een kleine groep van families en individuen van buiten. De krant Népszabadság legde de hand op een intern rapport van de organisatie die de betreffende landbouwgrond in eigendom heeft, de NFA, waarin wordt gezegd dat de criteria voor de toewijzing van de pachtcontracten niet objectief zijn. Het bestaan van dat rapport werd tot nu toe van officiële zijde ontkend. Het politieke effect van deze machinaties is overigens vooral een verschuiving van de steun van Fidesz naar het extreemrechtse Jobbik in veel plattelandsgebieden.

* De minister van economische ontwikkeling heeft de directie van olie- en gasbedrijf MOL gevraagd op te houden met het subsidiëren van een wetenschappelijke stichting die de activiteiten van oppositieleider Gordon Bajnai met onderzoek ondersteunt. De Hongaarse overheid heeft aandelen in MOL en het geeft geen pas dat zo’n bedrijf de activiteiten steunt van iemand die de huidige regering ten val wil brengen, aldus de minister.

zondag 27 januari 2013

Op het vinkentouw

De ‘Groenen’ vallen uiteen, Gordon Bajnai’s Samen 2014 zakt terug in de peilingen en de socialistische MSZP boekt nauwelijks vooruitgang. De oppositie zit in de problemen, concluderen veel Hongaarse commentatoren, vooral die ter rechterzijde. Maar het is wel wat erg vroeg voor die conclusie. Want driekwart van de Hongaren vindt dat het land de verkeerde kant op gaat en 53% wil een andere regering.

Natuurlijk kan de brede samenwerking van links tot en met centrum rechts die nodig is om in mei 2014 Fidesz te verslaan, makkelijk mislukken. Sterker nog, de Fidesz regering zal, naast alle manipulaties met kiesregels, met allerlei beloftes en cadeautjes proberen het electoraat opnieuw om te kopen (geforceerde verlagingen van de energieprijzen, een eenmalige verhoging van pensioenen vlak voor de verkiezingen e.d.). Bovendien hebben Hongaren een eeuwenlange traditie van gebrek aan samenwerking en onderlinge vetes, ruzies en gekissebis, dus de kans dat een democratische samenwerking mislukt, is niet ondenkbaar.

Maar dat de ‘Groene’ LMP (Politiek Kan Anders) vandaag definitief uit elkaar is gevallen, kan ook positief uitpakken. Op het partijcongres dit weekeinde haalde de rechtervleugel opnieuw een kleine meerderheid. Die vleugel wil geen samenwerking met de socialisten en Samen 2014, maar is ervan overtuigd dat de LMP op haar eentje Fidesz kan verslaan. Let wel, de LMP heeft al jaren 3-5% van de stemmen dus dat zou een waar mirakel moeten worden. Andere commentatoren suggereren dat deze rechtervleugel helemaal niet zo happig is om Orbán ten val te brengen, maar hoopt na mei 2014 de “kingmaker” te kunnen worden; de kleine partij die Fidesz net aan een nieuwe meerderheid kan helpen.

Hoe dan ook, nu de splitsing een feit is, heeft de linkervleugel – die ruim 40% van de partijaanhang vertegenwoordigt en de meerderheid van de parlementsfractie – de vrijheid om wel met Samen 2014 te gaan praten en zo de verenigde oppositie meer draagkracht te geven.

Dat de socialisten met 16% aanhang nog altijd veruit de grootste oppositiepartij zijn, maar nauwelijks of geen winst boekt op Fidesz (19%), is ook geen wonder. De grote meerderheid van de kiezers vertrouwt inmiddels Fidesz voor geen cent meer, maar dat wil niet zeggen dat ze de socialisten nu opeens wel vertrouwen. Meer dan 50% van de mensen zit op het vinkentouw en de vraag is wie die stemmen kan winnen. Ook Bajnai heeft steeds gezegd dat de kracht van de socialistische partij een realiteit is, maar tegelijk ook dat ze er nooit en te nimmer in haar eentje in zal slagen de zwevende kiezer naar zich toe te halen, dat kan alleen een brede coalitie.

En dat Samen 2014 in de opiniepeilingen maar rond de 6% haalt, terwijl dat in november nog 14% was, zegt ook weinig. Die peilingen meten Samen 2014 alsof dat een aparte partij is die zelfstandig aan de verkiezingen deelneemt, maar dat was ze tot nu toe in ieder geval niet. De bedoeling was een beweging die partijen en groepen van links tot en met centrumrechts verenigt. Dan moet je dus peilen wat de uitkomst zou zijn van een verkiezing als dat lukt (wat pas in de loop van de zomer, na nog hele moeilijke onderhandelingen, duidelijk zal zijn). En hoe een peiling met Fidesz en Jobbik ter rechterzijde tegenover Samen 2014 (gesteund door socialisten, groenen, democraten, Milla, Solidarnosc enz.) zou uitpakken, dat blijft vooralsnog helemaal ongewis.

Verder de afgelopen week:

- Vorige keer meldde ik al dat de hoofden van meer dan 1000 scholen die sinds 1 januari weer genationaliseerd zijn, de instructie hebben gekregen dat ze niet in het openbaar kritiek mogen uiten op het Nationale Onderwijscentrum dat hen bestuurt. Ook de hoofden van ziekenhuizen blijken een paar weken terug zo’n instructie te hebben gehad, in hun geval over de regeringsinstelling die toezicht houdt op de gezondheidszorg. Al sinds mei 2010 weten ambtenaren van alle overheidsinstellingen, mede dankzij de wet die ontslag zonder opgaaf van redenen mogelijk maakte, dat ze geacht worden hun mond te houden en ja te knikken. “Op een of ander moment en op een of andere manier is er in dit land een begin mee gemaakt aan mensen te vertellen hoe ze moeten denken en inmiddels wordt centraal gedefinieerd wat ik kan zeggen,” aldus een blogger. “Wat ben ik blij dat ik nergens bestuurder ben, zodat ik nog tot op zekere hoogte de baas blijf van mijn eigen woorden (wie weet hoe lang nog...).”

- De regering heeft weer twaalf grote pleinen, straten en bruggen in het centrum van Boedapest gereserveerd voor officiële vieringen op en rond 15 maart, een nationale feestdag ter herding van de opstand van 1848. Dus zal de oppositie, die op die dag altijd een grote demonstratie houdt bij de Elisabeth Brug, opnieuw de strijd aan moeten gaan of dat mag of niet. Vorig jaar gebeurde iets soortgelijks, maar zwichtte de regering uiteindelijk.

- De Fidesz parlementariër József Ángyán die als enige van de fractie tegen een bepaalde aanpassing van de wet op de landbouwgrond stemde uit protest tegen de oneerlijke toewijzing van land aan, heeft voor zijn dissidente stemgedrag van de Fidesz fractie een financiële boete opgelegd gekregen van 250.000 forint (1000 euro, een ruim modaal maandsalaris). Hoewel hij het best kan betalen, heeft een groep boeren aangeboden uit solidariteit het geld voor hem op tafel te leggen

woensdag 24 oktober 2012

Gamechanger?



Na zijn optreden gisteren bij de grote oppositiedemonstratie van Milla in Boedapest lijkt ex-premier Gordon Bajnai met zijn nieuwe politieke beweging “Samen 2014” in één klap de onbetwiste leider van de oppositie te zijn geworden. Bajnai had de naam van een capabele, sympathieke en eerlijke manager, maar ook een wat verlegen technocraat en geen doorgewinterde politicus. Zijn speech liet zien wat hij in zijn mars heeft en had een hoog Obama gehalte: hij was kraakhelder, daadkrachtig, inspirerend en hoopgevend, en hij werd door de dertigduizend aanwezigen met langdurig en herhaald applaus beloond


Gordon Bajnai: Je telt mee!
Bajnai draaide er niet omheen: Hongarije glijdt steeds verder af naar een pariastatus in Europa: autoritair, door en door corrupt en bekrompen nationalistisch. De verkiezingen van mei 2014 zullen beslissend zijn voor de vraag of het land nog kan terugkeren naar een democratische en Europese rechtsstaat. Wat nodig is, benadrukte hij, is niet alleen een regeringswisseling, maar ook een nieuwe systeemwisseling (het afbreken van de Fidesz-staat die de afgelopen twee jaar is opgebouwd) en een wisseling van politieke cultuur. Met dat laatste verwees hij impliciet ook naar de medeverantwoordelijkheid van de socialisten voor de belachelijke politieke polarisatie, het ongecontroleerde populisme en de beschamende politieke corruptie van de afgelopen 20 jaar.

De nieuwe beweging “Samen 2014” die Bajnai met de Facebook-groep Milla en de nieuwe vakbeweging Solidarnosc nu heeft opgericht, stelt daar een nieuwe politieke beweging van het midden tegenover, samengevat in de leuzen: Patriottisme, Vooruitgang, Solidariteit en Europa. Die middenkoers moet het mogelijk maken dat de beweging niet alleen de democratische oppositiebeweging verenigt, maar ook de grote groep zwevende kiezers aantrekt die in zowel de socialisten als Fidesz teleurgesteld zijn (meer dan 50% van het electoraat). De nieuwe beweging reikt uitdrukkelijk  de hand naar gematigde conservatieven, bijvoorbeeld door het omarmen van een progressief patriottisme, de kritiek op de rol van de socialisten en een pleidooi voor echte nationale samenwerking over politieke scheidslijnen heen.

Bajnai heeft zich van aanzienlijke steun verzekerd. Hij heeft een eigen kring van adviseurs (verenigd in zijn Stichting Patriottisme en Vooruitgang). Facebookgroep Milla slaagde er de afgelopen twee jaar steeds weer in vele tienduizenden progressieve democraten in Boedapest op de been te brengen. Vakbeweging Solidarnosc heeft het afgelopen jaar hard gewerkt om in steden in het hele land groepen van activisten op te zetten in het verzet tegen de werkverschaffing, arbeidsomstandigheden en dalende inkomens. En er is, niet onbelangrijk, een aanzienlijke groep geldschieters die Bajnai steunt: ondernemers, managers en andere welvarende Hongaren die willen dat het land een actief en meedenkend lid van Europa en de Europese markt blijft, in plaats van de tegenstribbelende profiteur die het nu is.
 
Drie dingen zijn van groot belang bij de vraag of Bajnai en “Samen 2014” zullen slagen:
- kan Samen 2014 vooraanstaande conservatieven naar zich toetrekken? Naar verluid zou László Urbán, een bekende conservatieve econoom die recent naar Hongarije terugkeerde, een rol binnen de Stichting Vaderland en Vooruitgang op zich gaan nemen. De eerste?
- kan Samen 2014 de democratische politieke partijen achter zich verenigen? De kleinere liberale DK van Gyurcsány heeft zich vandaag al achter Bajnai geschaard. De andere kleine, de ‘groene’ Politiek Kan Anders (LMP), is in feite door de nieuwe beweging van de kaart geveegd. De partij was al vleugellam, verscheurd als ze werd door ernstige interne twisten tussen drie fracties, en verloor snel aanhang. Nu wordt  het leeuwendeel van haar kiezers in Boedapest – en dat is 80% van het totaal – ook nog eens door Bajnai weggekaapt.Maar de echte opgave is om de organisatorisch sterke MSZP zo ver te krijgen dat ze de nieuwe beweging steunt maar tegelijk te zorgen dat de socialisten tweede viool blijven spelen.
- tenslotte de hamvraag: hoe vrij worden de verkiezingen van 2014? Het staat nu al vast, erkende Bajnai gisteren, dat het dankzij alle nieuwe regels die door Fidesz zijn en nog worden ingevoerd gemanipuleerde verkiezingen zullen zijn waarbij de regeringspartij zichzelf allerlei voordelen heeft toegekend. Maar desondanks is een overwinning mogelijk, benadrukte hij: "we zijn met velen en er is een uitweg, er is weer hoop. Ja, we kunnen het."

Verder nog:

Naast de anti-regerings demonstratie op 23 oktober, de nationale herdenking van de Opstand van 1956,  was er ook een (grotere) pro-regerings demonstratie van zo'n 100-duizend mensen, velen in bussen aangevoerd uit het hele land.Wat vooral opvalt, is hoezeer die twee demonstraties ook twee volkomen verschillende werelden zijn met een totaal verschillende sfeer en stemming. Bij de oppositie zie je alle leeftijdsgroepen en sociale groepen door elkaar en alle sprekers, bands en filmpjes benadrukken steeds weer dat ze een open en tolerant Hongarije willen, deel van het moderne Europa, een land waar iedereen samen leeft, solidair is en kan leven zoals hij of zij wil.
Bij de pro-regerings demonstratie overwegen de oudere generaties (50-ers en 60-ers) opgegroeid in het communistische Kádár tijdperk en velen van hen komen 'zichtbaar' uit de provincie. De sfeer is er een van exclusief nationalism wars van al wat vreemd, buitennissig en te modern is: wij zijn echte Hongaren, een trotse natie die respect verdient, en wij worden aangevallen door duistere krachten van buiten zoals de EU, het IMF, de Verenigde Naties, (een enkeling noemt ook nog de Joden), maar wij buigen niet. “De EU en de Europese Commissie hebben hun aanval tegen Hongarije niet opgegeven. We kunnen niet accepteren dat anderen ons vertellen wat we wel en niet kunnen doen in ons eigen land," aldus Tamás Fritz, een van de organisatoren. En premier Orbán vergeleek “de dictaten uit Brussel” opnieuw in bedekte termen met het communistische Moskou dat in 1956 de opstand neersloeg: “Ook als ze verfijndere methodes gebruiken, laten wij ons niet door vreemden regeren.”